Melancholie

Door een samenloop van omstandigheden kwam ik in een opslagruimte voor bejaarden terecht, niet om me daar te vestigen – spaar me! – maar om iemand met een bezoek te verblijden.

De cafetaria behelsde onder meer zes mannen en drie vrouwen, die met enige aandacht naar het grote televisiescherm staarden, waarop zich een bergrit van de Tour de France ontspon. De renners klauterden moeizaam het niet te onderschatten geografisch ongemak van een alpencol op en evolueerden doorheen waarlijk wonderlijke landschappen met een aaneenrijging van opwindende panorama’s.

“Mo mens, wukke schoane streke!” riep een van de toeschouwsters plots. (Maar mens, wat een mooie streek!)
Ik glimlachte, want ze maakte een herinnering bij me wakker. Mijn moeder riep soms krek hetzelfde als ze naar een bergrit van de Ronde van Frankrijk keek. Ze is ondertussen al ruim een kwarteeuw dood, maar af en toe duikt ze nog eens in mijn leven op. Nee, niet af en toe. Vaak! Gewoon voor de leuk.

Eet je bord leeg!

De kelner van het restaurant wapperde nogal om zijn ruggengraat en liep er klapwiekend mee te koop dat hij de Griekse beginselen toegedaan was. Dat hij zich ook nog op heel erg vriendelijke wijze en uiterst bekwaam van zijn taken kweet, had natuurlijk weinig of niets met zijn geaardheid te maken.

Aan een tafel niet zover bij me vandaan zat wat ik als een echtpaar met een volwassen zoon beschouwde. Ik vermoedde bovendien dat die zoon de speciale vriend van de kelner was. Ze knipoogden alleszins olijk naar elkaar, zoals men dat doet tegen iemand met wie men dartele herinneringen deelt.

De zoon at mosselen. Toen de kelner na afloop hun tafel afruimde, wees hij naar de pot met de overblijfselen van die weekdieren en zei tegen zijn vriend:
“Je moet wel je schelpen nog opeten.”

Ik proestte het uit. Ik vond dat namelijk bijzonder grappig. Ik ben met weinig tevreden.

Ik had eveneens mosselen gegeten, maar niemand verzocht me om de schelpen op te eten. Ik voelde me tekortgedaan.

Accident de parcours

Ze waren beiden heel erg oud, dat zag je er zo aan af. Hij zat in een rolstoel en zij duwde die voort met de moeite die eigen is aan de ouderdom. Het leven had veel leed in haar gelaat geëtst, maar desalniettemin bleef ze kranig glimlachen en glunderde ze haar leeftijd weg. Hij daarentegen had het smoel van een buldog die op een wesp kauwde.

Ze duwde hem het restaurant binnen, maar maakte een kleine stuurfout, zodat ze even tegen de deurstijl aanbotste.
“Kijk toch uit, stom kalf!” snauwde hij schompermuilend. “Jouw geklungel is nooit overtroffen.”

Een kelner schoot toe om te helpen en ik keek haar meewarig aan toen ze mij passeerde. Ze schokschouderde even, schudde het hoofd en glimlachte, maar het was een beetje een treurige glimlach. Hij sudderde nog na en mompelde binnensmonds allerhande verwijten aan haar adres.

Mijn verbeelding schoot vleugelen aan en ik verzon snel een scenario om haar van die bullebak te verlossen. Ik liet ze met voorbedachten rade een reis maken, meer bepaald naar Bretagne, aan de rand waarvan zich hoge kliffen verheffen. Terwijl ze daar zogezegd het natuurschoon bewonderde, gaf ze die rolstoel stiekem een zetje, zodat die gang kreeg, er dan op niet te stuiten wijze de sokken in zette, om vervolgens plompverloren van zo’n klif te kukelen, waardoor de inzittende schielijk het tijdelijke met het eeuwige verwisselde, waarop de dame in kwestie een triomfantelijke glimlach inslikte, een zucht van verlichting slaakte en – een geboren tragédienne – een klaagzang aanhief: “O, mijn teergeliefde echtgenoot is het hoekje omgegaan, vermoedelijk om zeep.” Neergedaald ter helle zal ze ongetwijfeld bedoelen.

Ja ik zie het allemaal zo voor me gebeuren. Ik denk dat ik er een verhaal aan zal wijden, of misschien zit er zelfs een film in.

Spannend!

Ik bevond me in krekengebied en ging voor anker op een bank, die men ten behoeve van natuurvrienden op een terp neergepoot had en waarvandaan men de wijde omgeving kon overschouwen. Eenden spelevaarden op het water en gaven zich, beschut door rietkragen, over aan met luidruchtig gesnater gepaard gaande stoeipartijen en vermoedelijk ook aan seksuele omgang. Een reiger streek zwierig neer, een klucht ganzen zocht heil in de vlucht en een karekiet gaf ‘m van jetje. Het kan ook een andere vogel geweest zijn, want ik ben geen ornitholoog en een zanger in het riet is voor mij automatisch een karekiet, vanwege het lied waar ik als kind mee doodgegooid ben: karekiet, kiet, kiet, in het riet, riet, riet.

Toen zag ik opeens … ja, wat zag ik eigenlijk? Ik dook in mijn fietstassen, diepte ras een kijker op, waarmee ik het rozekleurige object dat in de verte tussen lisdodden dobberde naderbij haalde en … Ik versteende. Mijn adem stokte. Mijn hart miste een paar slagen en repte zich toen om de achterstand in te halen. Wat daar dreef, was een bloot mensenlichaam. Terwijl ik bedacht wat me te doen stond, kon men mijn reet wellicht als doppenwipper gebruiken. Ik trok mijn mobieltje, zette voor alle zekerheid nog eens de verrekijker aan mijn ogen en zag hoe het hoofd van de deinende drenkeling tussen de plantenstengels opdook, met de starre blik, de wijd opengesperde mond en de hartstochtelijk rode lippen van … een opblaaspop.

Ik heb toen maar mijn mobieltje opgeborgen, blij dat ik het niet gebruikt had. Je zult de hulpdiensten maar mobiliseren voor een door een flauwe grappenmaker achtergelaten opblaaspop.  

Bijna juist ─ 20

“Ik moet me werkelijk inhouden om niet in barsten uit te lachen”, zei de man.
Ik vond het best wel jammer dat hij zich inhield, want ik had toch echt eens willen zien hoe het in barsten uitlachen in zijn werk gaat.

De supermarkt waar ik klant ben, maakte reclame voor extra observerend keukenpapier.
Ze zullen ongetwijfeld absorberend bedoeld hebben, maar anderzijds kan ik me niet van de indruk ontdoen dat ik in mijn keuken in de gaten wordt gehouden.

Ik kocht iets op internet en het bedrijf in kwestie verzekerde me dat de verzendkosten gratis waren.
Tja, als ze bedoelen dat het verzenden gratis is, zijn er geen verzendkosten. Kosten zijn immers nooit gratis.

In het restaurant had een jongeman plaatsgenomen aan een belendende tafel. Ik vond hem er niet al te snugger uitzien, maar ik vergis me wel vaker in iemands uiterlijk. Hij bestelde een tornado. Ik zat te beven als een riet, maar tot mijn opluchting bracht de kelner hem een tournedos.

“De winnaar had bijna meer dan 3 minuten voorsprong”, zei de verslaggever.
Bijna meer dan 3 minuten … Ik pijnig mijn hersens, maar ik raak er niet wijs uit.

“De film werd overladen met tal van prijzen”, zei de omroepster. “Ongeveer vijftien om precies te zijn”.
Ongeveer vijftien om precies te zijn … Ik pijnig ten tweeden male mijn hersens, maar ik raak er wederom niet wijs uit.

Achter de rug

Ik heb er nooit een geheim van gemaakt dat ik me, naast het luistervinken, ook bezighoud met het observeren en beoordelen van zowel het menselijk uiterlijk als van de gedragingen waaraan de kostgangers der aardkloot zich overgeven. Ik heb hier al schrijfsels gewijd aan onder veel meer snuitrituelen en snotkokers, aan tics en rare aanwensels, aan kapsels en uitmonsteringen, ja, zelfs aan oorlelletjes. Hoe verzin ik het?!

Ik ben een fervent fietser en het gebeurt dus niet zelden dat ik willens nillens in het kielzog van een collega dobber. Om van de nood een deugd te maken besteed ik ruimschoots aandacht aan de manieren waarop mensen op rijwielen plaatsnemen. Sommigen prijken stijf en kaarsrecht in het zadel, alsof ze een stok ingeslikt hebben. Anderen verplaatsen zich wijdbeens, alsof ze niet op een stalen ros, maar op een struise boerenkarhengst zitten. De ene hangt schots en de andere scheef. Ik verlustig me aan parmantige konten, enorme ruiven, vette spekreten, ballonkuiten, pezige bantambeentjes … Nu ja, dat verlustigen mag je gerust met een korrel zout nemen. Een fraaie aanblik is het meestal niet.

Ik vraag me af hoe ik eruitzie als ik op mijn fiets zit. Wegens het gebrek aan ogen op mijn rug heb ik daar werkelijk geen idee van. Ik zoek dus iemand die zich door me op sleeptouw laat nemen, om me gedurende een aantal kilometer te achtervolgen en te filmen, zodat ik mezelf kan bekijken. Iemand?

Uilenvlucht © 2014 Frontier Theme