Categorie: Abuis

Blij met een dode mus

Ik heb geen noemenswaardige familie en mijn schaarse vrienden zitten op hun geld als een duivel op een ziel, of schurken zo gelaten tegen de armoede aan dat ze een kei het vel zouden afstropen.

Het gebeurt derhalve niet vaak dat ik van iemand een presentje krijg, laat staan een heus cadeau. Nu wil het geval dat ik al meteen na de jaarwisseling jarig ben. Door deze samenloop van omstandigheden zag een vriendin van me, N., zich genoodzaakt om toch even in de beurs te tasten en een geschenk voor me te kopen: een cadeaubon van Google Play, waarmee je als gebruiker van het Androïd besturingssysteem je telefoon of je tablet van allerhande leuke en handige toevoegsels kunt voorzien.

Nu ben ik wel de gelukkige eigenaar van zowel een slimme telefoon als een al even snuggere tablet, maar die zijn beide van Apple en ze gebruiken een ander besturingssysteem, zodat ik niets met die cadeaubon kon aanvangen. Ik slaagde er evenwel in om mijn gevoelens meesterlijk te verbergen en veinsde laaiend enthousiasme over hetgeen ik aangeboden kreeg. De milde schenkster raakte haast buiten kennis van verrukking.

Ik heb geprobeerd om die bon in te wisselen voor een exemplaar van Apple, maar dat bleek onmogelijk, omdat die dingen naar verluidt bij de aankoop ervan geactiveerd worden.

Ik meen te weten dat mijn vriend, R., het besturingssysteem van Android gebruikt. Bovendien is hij binnenkort jarig. Ik heb al een cadeautje voor hem en dat zal me niks kosten. Blij toe, want ik zit eveneens op mijn geld als een duivel op een ziel.

Bijna juist ─ 26

Het gebeurt af en toe dat ik me hier vrolijk maakt over de kwaakspraak die Michel Wuyts, de wielercommentator van de VRT, tijdens een uitzending debiteert. Nu blijkt dat besmettelijk te zijn, want zijn co-commentator tijdens het veldrijden, Paul Herygers, blijkt in hetzelfde gasthuis ziek te liggen.

Zo hoorde ik hem verleden zondag tijdens een wedstrijd uitkramen:

– Ik blijf bij mijn voetstuk
in plaats van: Ik houd voet bij stuk.

– Dat was het enige wat in opspraak kwam
in plaats van: Dat was het enige wat ter sprake kwam.

– Hij intimideerde het gedrag van Mathieu van der Poel
in plaats van: Hij imiteerde het gedrag van Mathieu van der Poel.

Zijn woorden waren nog niet koud of mijn vriend R. verscheen te mijnent en deelde me mee:
“Ik heb gisteren kennisgemaakt met een kroket vrouwtje.”
Dat heuglijke feit moesten we natuurlijk vieren, dus heb ik voor ons beiden koketten gebakken.

Nu ik toch bezig ben met zeuren … Wat is er in hemelsnaam fout met de woorden vergemakkelijken en bemoeilijken, dat men die steeds vaker door de gedrochten faciliteren en difficulteren meent te moeten vervangen?

Er is een … homo … gestorven

Ik zat bij vrienden in een vleesetende fauteuil een gin-tonic soldaat te maken, toen opeens hun zoontje van acht danig geagiteerd het vertrek binnenstormde.
“Er ligt een dode homo in de tuin!” hapte hij naar adem.

Daar keken we met zijn allen dusdanig van op, dat we gingen kijken, want zeg nu zelf: een dooie homo zie je nu ook niet elke dag en als hij dan ook nog in een tuin ligt …

Het jongetje liep ons voor naar de plaats des onheils en daar lag inderdaad een dode … hommel.

Bijna juist ─ 25

Er wordt weer ‘gewielrend’ dat het een lieve lust is. Als de televisie een wedstrijd uitzendt, en dat durven ze soms te doen, mag ik daar graag naar kijken, vooral als Michel Wuyts het commentaar verzorgt, want dan zit ik me werkelijk te verkneukelen. Zijn woordgebruik is namelijk een niet te onderschatten aanwinst voor het Nederlands. Als liefhebber van alles wat met taal verband houdt, is dat iets dat ik van harte verwelkom.

Tijdens de voorbije reportages is bijvoorbeeld onderstaande kippetjespraat met vrolijk aplomb uit zijn mond en over zijn lippen gestruikeld:

– “Er is geen vuiltje aan de hand.”
Vroeger moest dat vuiltje zich aan de lucht bevinden, maar voor velen is dat toch iets te hooggegrepen.

– “Er is een kleine kink in het peloton.”
Wellicht bij gebrek aan een kabel.

– “De start werd verdonkeremaand.”
Ik had die nochtans gezien, al zorgde een losgeraakt tapijtje wel voor wat geharrewar.

– “Brutaliteit wordt genadeloos afgeslacht.”
Bij mij zou afgestraft volstaan, want ik ben niet zo’n bloeddorstig type.

Nu zondag voltrekt Paris-Roubaix zich op het ruitje. Ik zal vanzelfsprekend acte de présence te geven, met pen en papier in de aanslag. Ik ben benieuwd wat de heer Wuyts dan weer allemaal uit zijn botten zal slaan, om het eens met een Belgisch-Nederlandse staande uitdrukking te zeggen.

Belgisch Nederlands?! Het is me een raadsel waarom van Dale hardnekkig weigert om deze taalvariant Vlaams te noemen. Ik ben geen Belgische Nederlander, maar een Vlaming, en ik spreek geen Belgisch-Nederlands, maar Vlaams … ja, zelfs West-Vlaams.

Bij m’n pietje gepakt

Er kwam een vriendin op bezoek en ze bracht een kerststronk – in Vlaanderen is bûche de gangbare naam  – voor me mee. Terwijl ze die aan me overhandigde, begon ik al verlekkerd te likkebaarden, maar toen bleek dat ze me bij mijn pietje pakte … eeh … begrijp me vooral niet verkeerd! Ze pakte me natuurlijk niet echt bij mijn pietje. Als je in Vlaanderen iemand bij z’n pietje pakt, dan neem die persoon te grazen, of je draait hem een loer.

Mijn vriendin pakte me derhalve bij m’n pietje door een kunstig vervaardigde nepstronk aan me af te geven. Het was een opgerolde, chocoladebruine handdoek, gelardeerd met witte gastendoekjes en bekroond met een tot rendier geboetseerd washandje. Ik vond het al met al wel een fraai ding en het was gemaakt door een Torhoutse dame, die je op internet kunt terugvinden als je deze link aanklikt:
couture marie-rose

Door dit cadeau kreeg ik opeens ontzettend veel zin in een echte bûche de Noël. Mijn vriendin had nog niet helemaal de hielen gelicht of ik was al op weg naar de bakker, waar ik me een uitermate appetijtelijk ogende kerststronk aanschafte. Ik heb die nog dezelfde avond compleet opgevreten. Helemaal in mijn eentje. Mijn gulzigheid kent werkelijk geen grenzen.

Tjonge jonge! Wat was dat magisch lekker!

De afbeelding hieronder betreft de valse stronk. Die ziet er ook wel om in te bijten uit, hè?

stronk

Bijna juist ─ 24

Eric Van Rompuy, volksvertegenwoordiger, had het tijdens een tussenkomst in het federaal parlement herhaaldelijk over de Arabische Emeritaten. Ik ken het land niet, maar ik vermoed dat daar Arabische emeritussen wonen, terwijl dat in de Arabische Emiraten emirs zijn.

Ben Crabbé, muzikant, presentator en televisiemaker, verkondigde aan het eind van het programma Blokken: “Net op de vangrail lukt het niet.” Er is dan ook heel weinig ruimte op een vangrail. Een valreep biedt volgens mij meer kans op slagen.

Koen Geens, minister van Justitie, stelde tevreden grijnzend: “Er is licht aan de horizon.” Het begon hem ongetwijfeld te dagen. De meeste mensen zijn al blij met wat licht aan het eind van een tunnel.

Paul Herygers, veldrijder, mountainbiker en co-commentator, verklaarde tijdens een reportage: “Deze strook moet je onder de knoet hebben.” Als dat niet het geval is, zul je vermoedelijk van iemand een knietje krijgen.

Ik dacht dat het weekblad Humo over heel taalvaardige journalisten beschikte, maar als ik lees dat iemand zich neervleit, zullen ze bij mij alleszins niet in ‘t gevlij komen.

vlijen

Hoe men een azijnpisser wordt

Enige tijd geleden haalde ik de kous onder mijn matras vandaan, raadpleegde de inhoud ervan en constateerde dat ik me eigenlijk wel een nieuwe keuken kon veroorloven. Ik ondernam de nodige stappen …

… en verleden week kreeg ik bericht dat men die zou komen plaatsen. Het is verbazingwekkend wat er zich allemaal in een keuken ophoudt en verschuilt. Een hele middag beroofde ik kasten van hetgeen ze herbergden en ontruimde ik het vertrek waar het nieuwe meubilair onderdak zou krijgen. Toen ik daarmee klaar was, had ik in een belendende kamer een grote chaos aangericht, liep ik ongeveer op mijn tandvlees en verging ik van de dorst.

Vertwijfeld greep ik naar de fles, te weten de eerste de beste petfles die daar binnen handbereik stond te staan, in de veronderstelling dat die water bevatte. Ik zette die aan de mond en nam een gulzige slok. God van de hoge hemel en santé mijn ratje! Ik proestte, ik hoestte, ik walgde en ik spuwde. De fles waaraan ik me laafde, bevatte namelijk geen water, maar azijn! Er bestaan aangenamere vloeistoffen als je het mij vraagt, maar wie vraagt mij wat.

Ja, mensen zijn misselijk … eh … missen is menselijk.

Bijna juist ─ 23

Deze overwinning was de kroon op de taart.
Vroeger placht een kroon zich op een koninklijk hoofd, of ook nog op het werk te vestigen, en moest een taart zich met een kers tevredenstellen, maar de tijden veranderen en dus ook de gebruiken.

Mededeling tijdens een veldrit: De toeschouwers worden verzocht om geen gebruik te maken van een bel om te supporteren, want dat brengt de renners in verwachting.
Deze mededeling bracht mij helemaal in verwarring, want ik had nooit kunnen bevroeden dat men iemand met een bel kon bezwangeren.

Ik heb het pakket geroutineerd, want het artikel beantwoordde niet aan mijn verwachtingen.
De koeriersdienst heeft het vervolgens op geretourneerde wijze terug naar de afzender gebracht.

De regen viel met bakstenen uit de lucht.
Heremijntijd! Ik vond bakken al ruimschoots voldoende, of desnoods oude wijven en pijpenstelen, maar bakstenen nog aan toe!

Ik beschouwde multifocale brillenglazen al als een fantastische verwezenlijking. Heeft iemand van jullie een idee waar meerstemmige (multivocale) glazen goed voor zijn?

multivocaal

Bijna juist ─ 22

─ In het journaal van de VRT had een journalist met zin voor overdrijving het over het overgrote merendeel van iets. Het overgrote deel van iets volstaat wat mij betreft, of desnoods het merendeel.
─ Een vriendin van me had tijdens haar vakantie een katholieke eredienst bijgewoond en tijdens de concentratie van die mis was er iets grappigs gebeurd. Ik heb ook eens bijna hardop moeten lachen, maar bij mij was dat tijdens een consecratie.
─ Diezelfde vriendin had ook een fanfare zien voorbijtrekken, die voorafgegaan werd door marionetten. Het is eens wat anders dan die eeuwige majorettes.
─ Weerman Frank Deboosere zei tijdens een van zijn profetieën: warm zomerweer is uit den boze. Frank bedoelde wellicht ‘niet aan de orde’ of ‘niet van toepassing’. Uit den boze betekent immers misdadig, zondig, volstrekt verwerpelijk.
─ ‘Deze herhaling is vatbaar’ verklaarde de man tegen de televisiecamera. Dergelijke verslonzing van het Nederlands is wat mij betreft niet voor herhaling vatbaar.
─ Met vriendelijke groenten …

slaatje

Copyright Uilenvlucht 2018 Frontier Theme