Tag: weetjes

Vocabulaire 4

Hieronder een half dozijn ‘nieuwe’ woorden, die ik tijdens de voorbije weken bijeensprokkelde en die volgens mij een vermelding verdienen in de volgende editie van de Dikke Van Dale.

  • weesfiets: een fiets die op openbaar terrein gestald staat en al langere tijd niet meer gebruikt is.
  • armflappen: een soort kipfiletjes die zich meestal op latere leeftijd onder de bovenarmen vormen en daar lustig hangen te zwabberen.
  • eikelbijter: de zoveelste variant op muggenzifter, haarklover, kommaneuker, mierenneuker, pietlut etc.
  • dwaalouderen: demente bejaarden die verloren lopen.
  • troostscharrel: een kortstondige relatie om een andere te vergeten.
  • blijekoeienburger: vegetarische hamburger.

Vocabulaire 3

In Oorstrelend wil ik jullie deelgenoot maken van woorden die ik lekker vind bekken, of die soms zelfs uit je mond lijken te geuren. In Muurbloempje besteed ik aandacht aan bestaande woorden die helaas slechts weinigen kennen en gebruiken. In Nieuweling vermeld ik woorden die vooralsnog geen plaatsje in woordenboeken konden verwerven, maar dat volgens mij nochtans verdienen.

Oorstrelend
Wie zijn tijd verbeuzelt door doelloos langs de straat te lopen is aan het leeglopen, het straatslijpen, het baliekluiven of … het lanterfanten. Zoals ik al eerder schreef is de bezigheid even verrukkelijk als het woord, waarin de zaligheid van het nietsdoen bijna hoorbaar is.

Muurbloempje
Glee is de benaming voor de dunne, gesleten en doorschijnende plek in kledingstukken of linnengoed. Gleeën komen het vaakst voor ter hoogte van de ellebogen, de knieën en de hielen.

Nieuweling
Flirten is altijd al een vrijblijvende bezigheid geweest, maar onlangs hoorde ik de variant sportflirten. “Gewoon voor de leuk tijdens het sporten”, verduidelijkte het meisje dat beide activiteiten, zowel het sporten als het flirten, met verve beoefende.

Tutoriseren

Op de televisie verscheen Ditte Van de Velde: de alom bekende, om niet te zeggen beroemde hoofdredactrice van het damesblad Libelle, waar ik dus nog nooit van gehoord had. Ze wilde meteen laten blijken dat ze een keurig netjes opgevoede dame van de wereld was, die bovendien van de hoed en de rand wist.
─”Mag ik Indra zeggen?” vroeg ze aan de lieftallige Indra Dewitte, die het programma presenteerde.

EtiquetteDat is natuurlijk doodzondigen tegen de etiquette, want zoiets hoort men absoluut niet te vragen. Het voorstel om iemand bij de voornaam aan te spreken dient van de aangesprokene zelf te komen en niet van degene die aanspreekt. Ditte had Indra dus als mevrouw Dewitte moeten aanspreken, tot Indra daar een eind aan maakte door bijvoorbeeld minzaam en met behoud van glimlach mede te delen: “Zeg maar gerust Indra, hoor.”

Ik merk dat velen deze regel met de voeten treden. Ze willen de indruk wekken dat ze weten hoe het hoort, maar ze gaan al meteen in de fout door een initiatief te nemen dat ze eigenlijk niet horen te nemen. Zelf heb ik het trouwens niet zo op aanspreektitels begrepen. Als het aan mij ligt, mag men die gerust afschaffen, van meneer tot sire en van mevrouw tot … eh … sirene.  Albert schijt net zo min marsepein als ik en Paola laat ook scheten, al doet ze dat wellicht op delicate wijze en in het Italiaans: Paola fa un peto delicato.

Vocabulaire 2

Oorstrelend
De meesten van jullie zullen ongetwijfeld weten dat men aan kassa’s in supermarkten beurtbalkjes gebruikt, om op de transportband naar de kassa de boodschappen van twee klanten gescheiden te houden. Beurtbalkje is een neologisme dat weliswaar al in 1996 ontstond, maar pas in 2004 ingeburgerd raakte. In de contreien waar ik hoofdkwartier houd, noemt men zo’n balkje echter een mijndijntje: een woord dat ongetwijfeld afgeleid is van de uitdrukking ‘het mijn en het dijn’ en dat ik veel fraaier vind klinken dan beurtbalkje. Men zegge het voort!  

Muurbloempje
Er zullen ongetwijfeld allerhande benamingen bestaan voor potloodventers en andere exhibitionisten, maar ik heb nog altijd een voorkeur voor het helaas in onbruik geraakte schennispleger, dat bijna net zo pervers klinkt als de persoon die het aanduidt. 

Nieuweling
Als mensen te lui of te gehaast zijn om de gebaande wegen te gebruiken en liever bochten afsnijden, ontstaat er soms een nieuw pad, zoals jullie op de afbeelding hieronder kunnen zien. Er is vermoedelijk nog geen specifieke naam voor bedacht, maar ik hoorde hoe iemand het een wenspad noemde en dat leek me wel geschikt.

wenspad

Ons is lief vir Afrikaans

Ik mag op VIER ─ dat is de buitengewoon originele naam van een televisiezendertje ─ graag naar ‘de SLIMSTE MENS ter wereld’ kijken, wat dan weer de ongemeen spitsvondige naam van een quiz is. Het programma geniet enige populariteit, want er mag al eens in gelachen worden, en het spreekt dus bijna vanzelf dat men geregeld een onderbreking inlast voor reclameblokken, die op hun beurt doorspekt zijn met weer een andere quiz: een interactief exemplaar, waaraan de kijker per smartphone of tablet kan deelnemen, en ‘de SNELSTE QUIZ ter wereld’ heet.

Het lijkt inderdaad een nogal ingewikkelde bedoening, maar desalniettemin zal het eenieder duidelijk zijn dat er uitzonderlijk snuggere titelverzinners bij dat televisiezendertje werken, hetgeen helaas niet gezegd kan worden van de dames en heren die de meerkeuzevragen voor de SNELSTE QUIZ bedenken. Af en toe willen ze immers weten hoe iets in het Zuid-Afrikaans heet. Wel, er is geen enkele kijker die daarop een correct antwoord kan geven, want Zuid-Afrikaans bestaat niet als taal. De speelse variant van het Nederlands die men in Zuid-Afrika spreekt, is geen Zuid-Afrikaans, maar simpelweg Afrikaans, zonder Zuid. 

Wij, Vlamingen en Nederlanders, hebben de neiging om dat Afrikaans ietwat hautain als een ondergeschoven kindje te beschouwen en te behandelen. Zeer ten onrechte! Het is een prachtige en charmante taal, die bovendien uitzonderlijk puur is gebleven. Waar wij op gemakzuchtige wijze klakkelings bastaardwoorden binnenhalen, zoeken de Afrikaanders onmiddellijk een geschikte pendant en daar zitten soms pareltjes bij, of echte vondsten. Maar dit terzijde … 

Knoop het in jullie oren, dames en heren van VIER: het is Afrikaans!

En mag ik jullie tot slot nog een goede raad geven?

afrikaans

WC-madam

Ooit moet ik het ergens gelezen of gehoord hebben: men dient net zoveel kattenbakken in huis te halen als het aantal aanwezige feliene dieren, dat dergelijke ontvangtoestellen als toilet gebruikt. Het weze mij veroorloofd om dat nogal overdreven te vinden. Stel je voor dat ook de mensen allemaal hun eigen pot zouden willen. Dat zou in talloze woningen tot plaatsgebrek leiden, vermoed ik.

Of het een juiste bewering is, weet ik niet, maar ik nam het zekere voor het onzekere en schafte me drie van die bakken aan, omdat — ik vertel geen nieuws — een kattentrio zich verwaardigt me gezelschap te houden. Ze staan strategisch opgesteld, teneinde te verhinderen dat ik er in al mijn onhandigheid voortdurend over struikel, terwijl ze tezelfdertijd toch makkelijk bereikbaar zijn voor een kat die zich eventjes terug wil trekken om … te schij … eh … om zich de handen te wassen, de lippen te stiften of de neus te poederen.

Eigenlijk zijn die bakken te mijnent een overbodige luxe. De dames kunnen zich immers dag en nacht via een kattenluik naar buiten begeven, om ergens in de ruige ruimte van de natuur een boutje uit te draaien of een plasje te plegen … maar nee hoor! Wat hadden jullie gedacht? Na hun uitje komen ze binnen, zo met een air van ‘o, wat hebben we toch weer een lol gehad in de struiken’ en dan stevenen ze regelrecht naar zo’n bak. Altijd en allemaal naar dezelfde!

Ik schat dat ik — in mijn hoedanigheid van WC-madam en pietje-secuur — twintig keer per etmaal hun favoriete toilet reinig en ik kan jullie verzekeren dat ik aangenamere karweitjes vermag te verzinnen. Terwijl ik ermee bezig ben, kan je er bovendien donder op zeggen dat ze net nodig moeten. Dan gaan ze in die andere bakken zitten scharrelen dat het een aard heeft, zodat ik die ook mag schoonmaken … terwijl zij ondertussen alweer in die eerste bak … Zo blijf je bezig natuurlijk. Er is geen aanhalen aan.

Ze doen het om me te sarren. Ik ben er zeker van. Soms zitten ze samen in een hoekje van die rare geluidjes te produceren. Ik vermoed dat ze zich dan vrolijk over me maken en een strategie afspreken om me op stang te jagen. Dolle pret!

Manusje-van-alles

Ik ken mijn pappenheimers. Toen een van mijn katten een smartelijke kreet slaakte, begreep ik meteen welk signaal ze uitstuurde. Nog voor het kotsen een aanvang nam, bevond ik me reeds in haar buurt met de keukenrol in de aanslag.

Een mens staat er eigenlijk nooit bij stil, maar zo’n cilinder absorberend papier is, met enige overdrijving, van onschatbare waarde. Hoewel ik slechts een bescheiden huishouden beredder, verbruik ik maandelijks toch een viertal van die rollen. Ik ben er me ten zeerste van bewust dat ik daardoor het sneuvelen van bomen teweegbreng, maar kan iemand me een milieuvriendelijker alternatief aan de hand doen? Water is ook een kostbaar goed. Tot nader order neem ik dus mijn toevlucht tot die papieren factotums.

“Wie is er eigenlijk op dat lumineuze idee gekomen?” vroeg ik me af, terwijl ik me met een getourmenteerde gelaatsuitdrukking, om niet te zeggen een afgezakt smoel, over de kattenkots ontfermde.
Dat zou dus ene Arthur Scott zijn. Ruim een eeuw geleden ─ in 1907 ─ stond hij aan het hoofd van een papierverwerkend bedrijf ─ de Scott Paper Company ─ in het Amerikaanse Philadelphia. Op een dag maakte hij zich te sappel over een wagonlading papier, dat te dik bleek en derhalve ongeschikt was om er de beoogde closetrollen van te maken. Wat moest hij in vredesnaam met die klotezooi aanvangen? Toevallig kwam het initiatief van een lerares in een lokaal schooltje hem ter ore. Om te verhinderen dat verkouden kinderen elkaar zouden aansteken, mochten de zich onder haar hoede bevindende loopneuzen geen gebruik maken van de rolhanddoeken in de toiletten. Zij kregen een vel zacht papier, waarmee ze de handen konden droogwrijven. Arthur Scott liet er geen gras over groeien. Binnen de kortste keren was het ondeugdelijke papier verwerkt tot geperforeerde rollen met allemaal kleine handdoeken. De keukenrol was geboren.

Wel, van mij mogen ze voor die schrandere man een standbeeld oprichten. Daarna zullen wij, huissloven (m/v) aller landen, dat monument bezoeken en hem postuum lof toezwaaien, met een vel van de keukenrol.

Daar kun je op rekenen

Ik heb een tip, of eigenlijk meer een weetje dat ik graag met jullie wil delen, met inachtneming van het nodige voorbehoud en zonder garantie mijnentwege dat hetgeen ik verkondig onomstotelijk vaststaat.

Een kennis van me heeft niet alleen een wiskundeknobbel, maar ook een zwak voor allerhande mechanische en elektronische tuigjes. Vanwege de aard van ‘t beestje spitst zijn belangstelling zich natuurlijk vooral toe op japanners, want zo heten zakrekenmachines tegenwoordig. Hij vermag er allerhande vermeend grappige trucs mee uit te voeren en dan doe ik daar zwijmelig over, louter om hem te plezieren eigenlijk, want meestal vind ik zijn leukigheden hoegenaamd niet amusant en bovendien heb ik absoluut geen affiniteit met cijfers, getallen en wiskundige berekeningen, behalve als die van een euroteken vergezeld gaan.

Gisteren deed hij me echter een tip aan de hand. Hoe kan men een rekenmachine van uitstekende kwaliteit herkennen? Men dient de volgende eenvoudige bewerking uit te voeren: 7 : 3 x 3. Als de uitkomst 6,999999999 is, laat de betreffende calculator steken vallen en kun je die beter dumpen. Is het resultaat daarentegen een rond cijfer 7, dan is je machientje uit het goeie hout gesneden.

Ik heb meteen de proef op de som genomen. Van de drie rekenaars die ik de mijne mag noemen, toverde alleen de TI-31 Solar van Texas Instruments een zeven tevoorschijn. Mijn japannertje en mijn zuid-koreaantje brachten er niets van terecht. De winnaar is een in Italië geassembleerd verenigd statertje. Wie had dat ooit kunnen denken?!

Hij heeft me in de smiezen

Tijdens mijn werkzaamheden stuitte ik op het mij onbekende woord steganografie. Ik kon er de Griekse woorden steganos (verborgen) en graffein (schrijven) in ontdekken en aangezien besluierde toestanden en dus ook geheime of verborgen boodschappen mij mateloos boeien, heb ik mij op internet wat in het onderwerp verdiept. Steganografie is dus het verbergen van informatie in onschuldig ogende objecten.

Ik kwam tot de ontdekking dat ik me in mijn in mijn vlegeljaren met steganografie onledig heb gehouden en sommigen van jullie waarschijnlijk ook. Als je bij het schrijven geen inkt, maar citroensap, uiensap, melk of zelfs urine gebruikt, zie je geen letter op het papier staan. De boodschap verschijnt pas als je het schijnbaar onbeschreven blad boven de vlam van een kaars of een aansteker beweegt en derhalve opwarmt. Dan duikt bij toverslag de tekst op in bruine tinten … of vliegt je blad in de fik als je even niet oplet, hetgeen bij mij meestal het geval was.

Een minder bekende en volgens mij enigszins dubieuze toepassing van de steganografie is die van de gele puntjes op elke door een laserprinter afgeleverde pagina. Deze met het blote oog onzichtbare markeringen coderen de datum, de tijd en het serienummer van het toestel waarmee geprint wordt. De meeste fabrikanten van laserprinters passen deze techniek toe op hun producten. Dit doen zij zeer waarschijnlijk op verzoek van overheden, zodat die kunnen achterhalen waar een print vandaan komt.

Ik vind dit al veel minder leuk dan het schrijven met onzichtbare inkt … en daar houdt het niet mee op. De steganografie biedt talloze mogelijkheden en trucjes om ons doen en laten in de gaten te houden, maar daar heb ik me niet in verdiept. Het is me te technisch en … eigenlijk wil ik het liever niet weten.

Ik vraag me trouwens al geruime tijd af of er in Fort Worth, Texas, mogelijkerwijze een van die twijfelachtige organisaties van de Amerikaanse overheid gevestigd is? Mijn blog krijgt namelijk iedere dag gemiddeld vijf keer een aldaar gevestigde bezoeker over de vloer. Het IP-adres is evenwel onvolledig en laat zich derhalve niet natrekken. Het kan natuurlijk ook een uitgeweken Nederlandstalige zijn. Ik zie vooralsnog geen wolven en beren op de weg, maar ik ben nu eenmaal verschrikkelijk nieuwsgierig … en ik wil graag blijven schrijven dat ik een groot aantal Amerikaanse politici als idioten beschouw, om van de Belgische nog te zwijgen.