Tag: taal

Vocabulaire 8

Mijn leven, en wellicht ook dat van anderen, is een aaneenrijging van indrukken, één lange overvloeier, gelardeerd met al dan niet pittige anekdotes en in mijn geval ook met woorden waarvan ik het bestaan niet kende en zelfs niet vermoedde. Hè hè, zoals jullie zien weet ik nog steeds goed de weg in samengestelde zinnen, maar dit terzijde, want nu laat ik jullie graag delen in mijn ‘vondsten’ van de voorbije week.

1) Barbeknoeien: het geklungel dat sommigen ─ vooral mannen ─ tentoonspreiden als ze een barbecue bedienen.

2) Een paardenkut of kortweg een PK: een mengeldrank van Apfelkorn (zoete appellikeur) en spa rood.

3) De eigenander: benaming bedacht door de psycholoog Dolph Kohnstamm voor de persoon die schijnbaar in ons huist, die onze gedachten helpt sturen en waarmee we als het ware constant in gesprek zijn.

4) Zonneharp: de in duidelijk afgescheiden bundels waargenomen zonnestralen, zoals men die vaak bij op- of ondergaande zon in bossen ziet.

5) Hersenscheet:
a) een tijdelijk geheugenverlies, vooral in stresssituaties;
b) een compleet onzinnige gedachte.

6) Kijksluiter: een bijsluiter in de vorm van een video.

7) Herterig: voorzien van grote ogen en een beetje schuw. Voorbeeld: een herterig meisje.

8) Sukkelseks: ik hoef er wellicht geen tekeningetje bij te maken, maar geef jullie wel een voorbeeldzin uit eigen ervaring: alcohol leidt eerder tot sukkelsseks dan tot topprestaties.

Waarvan akte!

Niet gehinderd door enige kennis van zaken

Verleden week, op 12 januari, reikten de Katholieke Universiteit Leuven en de Universiteit Gent samen een eredoctoraat uit aan de Duitse bondskanselier: Angela Merkel.

Of deze dame al dan niet zo’n academische graad en de daarmee gepaard gaande titel (doctor honoris causa) verdient, laat ik in het midden, want het doet hier niets ter zake. Ik wil het namelijk uitsluitend hebben over de bijzonder storende taalfout die het gulden boek ontsierde, dat mevrouw Merkel diende te ondertekenen. Daar stond immers gezamelijk in plaats van gezamenlijk: een spelfout waar men tijdens mijn collegejaren nochtans op hamerde.

Het is zonder meer beschamend dat men in de twee belangrijkste universiteiten van Vlaanderen kennelijk niet over mensen beschikt die het Nederlands dusdanig beheersen, dat ze een foutloze tekst kunnen neerpennen, of er althans kunnen voor zorgen dat die foutloos op een semiofficieel document terechtkomt.

Petje af voor Frans Medaer: de Limburgse leraar op rust, die de blunder opmerkte hoewel die nauwelijks 4 seconden in beeld was. Ik had het niet gezien. De foto hieronder is van hem afkomstig.

gezamenlijk

Bijna juist ─ 23

Deze overwinning was de kroon op de taart.
Vroeger placht een kroon zich op een koninklijk hoofd, of ook nog op het werk te vestigen, en moest een taart zich met een kers tevredenstellen, maar de tijden veranderen en dus ook de gebruiken.

Mededeling tijdens een veldrit: De toeschouwers worden verzocht om geen gebruik te maken van een bel om te supporteren, want dat brengt de renners in verwachting.
Deze mededeling bracht mij helemaal in verwarring, want ik had nooit kunnen bevroeden dat men iemand met een bel kon bezwangeren.

Ik heb het pakket geroutineerd, want het artikel beantwoordde niet aan mijn verwachtingen.
De koeriersdienst heeft het vervolgens op geretourneerde wijze terug naar de afzender gebracht.

De regen viel met bakstenen uit de lucht.
Heremijntijd! Ik vond bakken al ruimschoots voldoende, of desnoods oude wijven en pijpenstelen, maar bakstenen nog aan toe!

Ik beschouwde multifocale brillenglazen al als een fantastische verwezenlijking. Heeft iemand van jullie een idee waar meerstemmige (multivocale) glazen goed voor zijn?

multivocaal

Wrokken

Normaliter zou ik vanavond voor mijn televisietoestel postvatten om te kijken naar en mee te schrijven aan het Groot Dictee der Nederlandse Taal. Zoals verleden jaar zal ik dat echter niet doen, omdat ik nog steeds in de hoogste mate verontwaardigd ben over de onbeschofte manier waarop men de zeer door mij gewaardeerde presentatrice, Martine Tanghe, uitgerangeerd heeft. Men vond haar blijkbaar te oud, hetgeen vanzelfsprekend niet kon gezegd worden van haar medepresentator: de rochelende en onverstaanbaar wauwelende Philip Freriks. Ik zou de uitzending saboteren als ik daartoe in staat was, maar dat ben ik niet en dus dien ik mijn actie noodgedwongen tot boycotten te beperken.

Freriks en zijn huidige rechterhand, Freek Braeckman, kunnen wat mij betreft de (kerst)boom in en de Eerste Kamer der Staten-Generaal in Den Haag, waar het gebeuren plaatsvindt, mag van mij het moeras inzakken.

In plaats daarvan zal ik met mijn tenen spelen. Dat is ook leuk.

Leve Martine Tanghe!

Leid me niet in bekoring

Ik begaf me naar de Tourmalet. Voor een goed begrip: ik reisde niet naar het diepste zuiden van Frankrijk, om daar de Pyrenee met die naam te beklimmen, maar ik wendde de steven naar een restaurant dat eigenlijk O’Tourmalet heet, maar in deze contreien door vrijwel iedereen Den Tourmalet genoemd wordt, want dat bekt lekkerder.

Dat horecabedrijf was eertijds de thuishaven van wielrenner Sylveer Maes, die in de jaren dertig van de vorige eeuw twee keer de Tour de France won. Vandaag de dag voeren Magda en Marcel er de scepter en ik heb het hier al eerder vermeld: je kunt er verdraaid lekker eten voor een schappelijke prijs. Ik koos de suggestie van de week: een scampibrochette met saffraansaus en frieten. Terwijl ik zat te smikkelen en te smullen kwam de vrouw des huizes naar me toe.
“Kan het je bekoren?” informeerde ze vriendelijk.

Kijk, dat vind ik nu eens een veel originelere manier om naar iemands bevindingen omtrent voedsel te vragen, dan de gebruikelijke en dus clichématige formules: Is het lekker? Smaakt het? Of zelfs: Is alles naar wens?

Het gerecht kon me zeer zeker bekoren. Ik was er zelfs dusdanig enthousiast over dat ik het zoutvat op mijn tafel een optater van je welste gaf, zodat het op de vloer smakte en openbarstte in wel duizend gruzelementen.

Blikskaters! Wat ben ik toch een frulleman! Nu ja, Magda en Marcel kennen hun pappenheimers en ze zullen ondertussen al weten dat niemand ooit mijn geknoei zal overtreffen. Of mijn gestoethaspel iemand kan bekoren, durf ik toch te betwijfelen.

Vocabulaire 7

Kennen jullie het werkwoord verburgertrutten? Het staat (nog) niet in Van Dale, maar ik heb het onlangs in een tekst aangetroffen en vind dat het best wel een overlevingskans verdient. De betekenis ervan is: verworden tot een burgertrut (dat Van Dale wel vermeldt), of als vrouw ontaarden in aanstellerij en een benepen, bekrompen mentaliteit. Ik probeer er een mannelijke variant voor te verzinnen.

Een ander nieuw woord is enektie, wat staat voor een stijve nek, naar analogie van … inderdaad! Ik hoef er waarschijnlijk geen tekeningetje bij te maken en daar ben ik blij om, want ik kan niet tekenen.

Weten jullie wat een porte-manteauwoord is? Men noemt het ook een vlechtwoord, een hypogram of een kofferwoord en het is een woord dat ontstaat door een samensmelting van twee andere, zoals bijvoorbeeld brunch (breakfast en lunch), smog (smoke en fog), formidastisch (formidabel en fantastisch), blog (web en logboek) en motel (motor en hotel). Nieuw in dit rijtje is straatsen: schaatsen op een straat die met een natuurlijke ijslaag bedekt is. Wat ze allemaal niet verzinnen! Het toetsen aan de praktijk laat ik aan me voorbijgaan, want ik kan niet schaatsen. Als ik het zo bekijk, kan ik eigenlijk niet veel.

Mijn tot nader order laatste nieuwkomer is tolteller: het toestel dat men tegenwoordig aan boord van vrachtwagens aantreft en dat het tolbedrag berekent op basis van de afgelegde weg, het gewicht en de uitstoot van het voertuig in kwestie.

Wordt ongetwijfeld vervolgd.

Week van het Nederlands 2

De week van het Nederlands loopt ten einde en ik heb er al met al weinig aandacht aan besteed. Ik zou me moeten schamen, maar ik doe niet zo aan schaamte.

Ik vertel jullie geen nieuws met de mededeling dat ik me uit hoofde van mijn beroepsbezigheden dagelijks met taal en vertalen onledig houd en dat het Nederlands een stokpaardje is dat ik uitermate graag berijd. Ik heb dan ook, in de loop der jaren, een klein fortuin besteed aan vaak onmisbare hulpmiddelen, zoals daar zijn woordenboeken, thesauri, grammatica’s en consorten. Vandaag de dag kunnen we, dankzij internet, veel van die naslagwerken gratis verwerven, tenminste als het de Engelse, Franse, Duitse en Spaanse taal betreft, om er maar enkele te noemen. Voor het Nederlands kom je echter onvermijdelijk bij Van Dale terecht en dat zijn regelrechte geldwolven. Die willen voor ongeveer alles betaald worden en niet te min.

Hier is ongetwijfeld een taak weggelegd voor de Nederlandse en Vlaamse overheid. Misschien kunnen zij ervoor zorgen dat men de dikke Van Dale gratis aanbiedt of toch voor een redelijkere prijs dan nu het geval is. En kan er nu eindelijk eens een degelijke Nederlandse thesaurus verschijnen? Van Dale heeft in 2010 een schuchtere poging in die richting gewaagd, maar het resultaat is pover en zeker geen € 79 waard, want dat is de prijs die ik ervoor neertelde. Ik behelp me nu nog steeds liever met het veel betere Het Juiste Woord: het standaard betekeniswoordenboek der Nederlandse taal van Dr. L. Brouwers. Lang zal dat echter niet meer duren, zoals jullie hieronder kunnen zien. Het boekwerk zal er eerlang compleet de brui aan geven ─ dat zie je er zo aan af ─ en ik kan vooralsnog nergens een vervangingsexemplaar vinden.

thesaurus

Week van het Nederlands

weekNederlands

Ik mag er zonder enige pretentie prat op gaan dat ik me slechts zelden aan taalfouten bezondig. Zo heb ik bijvoorbeeld niet de minste moeite om de staart van werkwoorden van de correcte d’s en/of t’s te voorzien. Ook het obstakel van de verbindings-n zorgt nauwelijks voor hinder. Vaste voorzetsels beschouw ik niet als loslopend wild en leestekens krijgen van mij een rechtmatige behandeling. Ik weet goed de weg in samengestelde zinnen, mors niet met superlatieven en gemeenplaatsen, roer bijna nooit Engels door mijn Nederlands en hoed me voor uitputtende beschrijvingskunst, waarvan het einde al zoek is nog voor ik er met tegenzin aan begin.

Het kan vanzelfsprekend altijd gebeuren dat er een foutje tussen de mazen van het net glipt. Als men me daarop wijst, stel ik dat op prijs en ben ik niet te beroerd om me ootmoedig op de borst te kloppen, maar onlangs …

In de dorpskroeg kwam een man naar me toe. Hij is narcosearts, ofte anesthesist, maar ook een kloothommel die zijn eigendunk nauwelijks kan tillen en een betweter in een academisch steunkorset. Ik heb onlangs een vertaling voor hem gemaakt en daar wilde hij kennelijk een kanttekening bij plaatsen.
─”Je moet nog eens beweren dat het Nederlands nauwelijks geheimen voor je heeft”, sprak hij op een nogal stellige toon met een gelijkhebberige bijklank. “Ik heb in één zinnetje twee flaters ontdekt.”
─”Kom op met je kommetje!” stak er licht onbehagen in me op, omdat hij het blijkbaar nodig vond om die tekortkoming met luider stemme te afficheren.
─”Jij schrijft: het meisje zei dat ze scampi lekker vond. Dat moet zijn: het meisje zei dat het scampi’s lekker vond. Meisje is een onzijdig woord en het meervoud van scampi …”
─”… is scampi”, onderbrak ik hem. “Scampi is van oorsprong al de meervoudsvorm van het Italiaanse scampo. In het Nederlands mag je ook scampi’s gebruiken, maar dat is dubbelop en dus hoeft het niet. Meisje is inderdaad een onzijdig woord, maar in het Nederlands gaat biologisch geslacht vóór grammaticaal geslacht. Bij meisje moet je dus zij of haar gebruiken. Anders nog wat?”

Ik heb, geloof ik, nog nooit zo triomfantelijk gekeken als op dat moment in de dorpskroeg. Ik wil het niet beter weten dan een ander, maar juist is juist.

Bijna juist ─ 22

─ In het journaal van de VRT had een journalist met zin voor overdrijving het over het overgrote merendeel van iets. Het overgrote deel van iets volstaat wat mij betreft, of desnoods het merendeel.
─ Een vriendin van me had tijdens haar vakantie een katholieke eredienst bijgewoond en tijdens de concentratie van die mis was er iets grappigs gebeurd. Ik heb ook eens bijna hardop moeten lachen, maar bij mij was dat tijdens een consecratie.
─ Diezelfde vriendin had ook een fanfare zien voorbijtrekken, die voorafgegaan werd door marionetten. Het is eens wat anders dan die eeuwige majorettes.
─ Weerman Frank Deboosere zei tijdens een van zijn profetieën: warm zomerweer is uit den boze. Frank bedoelde wellicht ‘niet aan de orde’ of ‘niet van toepassing’. Uit den boze betekent immers misdadig, zondig, volstrekt verwerpelijk.
─ ‘Deze herhaling is vatbaar’ verklaarde de man tegen de televisiecamera. Dergelijke verslonzing van het Nederlands is wat mij betreft niet voor herhaling vatbaar.
─ Met vriendelijke groenten …

slaatje

Copyright Uilenvlucht 2017 Frontier Theme