Tag: krijgskunde

In Vlaamse velden … 4

Op 11 november 1918 zwegen de wapens en behoorde De Groote Oorlog tot het verleden.

Kollwitz1-vert

Op de Duitse militaire begraafplaats in het Praetbos van het West-Vlaamse Vladslo fungeert Het Treurende Ouderpaar van de Duitse kunstenares Käthe Kollwitz als blikvanger. De beelden bevinden zich aan de achterkant van het kerkhof en staren naar de grafstenen van gesneuvelde soldaten, waaronder die van hun achttienjarige zoon, Peter Kollwitz, wiens laatste rustplaats vlak voor hen ligt.

Toen ik daar verleden week op een druilerige dag was, schoot me een wel zeer toepasselijk gedicht van Anton Van Wilderode te binnen:

Alles is voorbij.
De kinderziekten, de koortsen,
de onredelijke angst voor de kou,
het diepe water, de hoge kersenboom.
De kleine wonden van messen en glas
de wilde jongensspelen.
Hij is heelhuids groot geworden
voor een gevaar dat ik niet kende,
waartegen ik hem niet kon beschermen.
Nooit meer en nooit meer.

Anton Van Wilderode

klaproos

Juicht! Belgen juicht!

mathilde

Toen ik gisteravond de televisie aanzette, verscheen er een houten klaas op mijn scherm. Of was het koning Filip? Hij predikte… eh … hij gaf een nietszeggende spreekbeurt over Belgenland en over het samenhorigheidsgevoel waar de bewoners van deze contreien het slachtoffer van zijn, vooral door toedoen van ons nationale voetbalclubje: De Rode Duivels.

Zou het Zijne Majesteit opgevallen zijn dat inmiddels vrijwel alle vlaggen uit het straatbeeld verdwenen zijn, terwijl ze net nu, ter gelegenheid van onze nationale feestdag, vrolijk zouden moeten wapperen?

Het hele gebeuren kan me overigens niet bezielen. Ik heb nooit begrepen waarom een feest, zij het dan een exemplaar van het duffere soort, gepaard moet gaan met militair geparadeer en het manhaftig vertoon van allerhande wapentuig, zoals raketten waarmee je passagiersvliegtuigen uit de lucht kunt schieten, of bommen waarmee je onschuldige Palestijnen kunt vermoorden …

Onze vroegere opperhoofden, Berten en Paula, zullen naar verluidt niet aanwezig zijn op het defilé. Ze vertikken het om voor zo’n futiliteit hun vakantie te onderbreken. België kan hen aan de reet roesten, behalve dan wanneer het hun karige leefloontje van net geen miljoen euro betreft. Dat willen ze graag blijven opstrijken en als het aan hen ligt, mag het zelfs iets meer zijn.

Goede sier maken met andermans geld en verder grote minachting aan de dag leggen voor het land en de mensen die daarvoor moeten opdraaien. Kan ik ergens kenbaar maken dat ik met mijn belastinggeld geen parasieten wens te onderhouden?

De afrekening

Aangezien mijn lichamelijke toestand aan gestage beterschap onderhevig is en omdat ik bovendien een spaarzaam mens ben, heb ik besloten om de rolstoel en het looprek terug te bezorgen aan de thuiszorgwinkel en me enkel nog met een stel krukken te behelpen. Dat wordt lachen!

kwadekatEen van mijn katten, Kootrapje, had al van in het begin een gloeiende siroophekel aan die rolstoel en dat is alleen maar verergerd. Telkens als dat gevaarte in haar buurt opdook, ging ze blazend in de aanval, met rechtopstaande haardos, duistere kwaadaardigheid in de ogen en vertoon van zowel blikkerende tanden als dreigende klauwen. Toen ik het wagentje vanmorgen de garage binnenreed, om het in de kofferbak van mijn auto onder te brengen, ging ze over tot het eindoffensief. Ze boorde haar tanden in een van de banden, die gelijk de laatste adem uitblies en leegliep.

Sommigen zouden op zo’n moment een voet in die poezenreet rammen, maar omdat ik een dierenvriend ben, heb ik alleen maar even gevloekt.

Waar heb ik dat bandenplaksetje nu weer gelaten?  

Voorbarigheid

Toen ik daarnet wat door internet bladerde, struikelde mijn oog over een nogal opzienbarende kop:

milquet

Onze Belgische minister van Binnenlandse Zaken, Joëlle Milquet ─ bij de Vlamingen beter bekend als Madame Non, vanwege haar vaak onverzettelijke houding tijdens onderhandelingen ─ is dus van plan om zich in het Syrische strijdgewoel te mengen. Voor mij niet gelaten.
─”Opgeruimd staat netjes”, mompelde ik zelfs, want ik moet die pittige tante eigenlijk niet. Als ik haar zie, denk ik telkens aan een zwarte weduwe en het zal jullie inmiddels genoegzaam bekend zijn dat ik niet van spinnen hou?

Toen ik neerwaarts scrolde, kwam evenwel de hele kop tevoorschijn:

milquet2

Ik had te vroeg gejuicht.

Copyright Uilenvlucht 2018 Frontier Theme