Sta ik hier even mooi te kakken

Het stond in de sterren geschreven dat ik vanmiddag in een vliegtuig zou stappen, teneinde een oceaan en de evenaar over te steken, om aan de overkant, meer bepaald in Argentinië, gedurende drie weken goede sier te maken.

Het heeft niet mogen zijn en dat noodt geenszins tot lachen. Wel integendeel! Ik word daar lastig van. Ik zit me thuis omstandig op te winden en me een ongeluk te ergeren aan een eigengereid virus en meer nog, aan het amateurisme, om niet te zeggen de aperte onkunde van een stelletje onbenullen, die het in Belgenland voor het zeggen hebben, waarvan sommigen niet eens verkozen zijn en toch hoog van de toren menen te moeten blazen en mijn leven te versjteren. Ik heb het over de schijnheilige missiepater Vande Lanotte en het domme zurkeltrutje Verlinden. De commedia dell’arte van Vivaldi heeft nu lang genoeg geduurd. Die bende zal daar op afgerekend worden. Wacht maar!

Dan heb ik nog met geen woord gerept over het nooit overtroffen gestoethaspel van het Europese vehikel, dat kerkhof voor politieke lijken.

Tenslotte wilde ik nog wat zeggen over de ‘kaliesjeklutser’ Van Ranst, viroloog bij de gratie Gods, maar die vent maakt de duivel in me wakker, dus kan ik maar beter zwijgen voor ik hem een ongeneeslijke ziekte toewens.

Het zou weleens zo kunnen gaan dat ik, en velen met mij, burgerlijke ongehoorzaamheid aan den dag leg, of erger nog … overloop naar het Vlaams Belang. Ze mogen het me vooral niet tegen maken.