Tag: verkiezingen

Nestbevuiling

Het duurt nog bijna een half jaar voor we ons in jolig groepsverband, maar willens nillens, ter stembus moeten begeven.

Desalniettemin is Open vld al volop bezig met het ontsieren van de land- en stadschappen, door overal – en bij voorkeur op schilderachtige en buitengewoon fotografeerbare plekken – afzichtelijke propagandaborden neer te poten met daarop een slogan, die een samenraapsel is van drie gemeenplaatsen van het zevende knoopsgat.

openvld

Het bevreemdt me dat die bemoeial van Groen, Calvo, daar nog geen commentaar op geleverd heeft.

Ik voel me alleszins niet aangesproken en ik zal dus niet voor de liberalen stemmen. Dat was ik toch al niet van plan.

Lid

Ik ben in mijn hele leven nog nooit ergens lid van geweest en alleszins niet van een politieke partij. Mijn staatkundige activiteiten beperken zich vooralsnog tot het rood inkleuren van bolletjes op een stembiljet en het al dan niet luidkeels uiten van mijn tevredenheid of ongenoegen omtrent hetgeen de dames en heren politici verrichten.

Nu ben ik tijdens een bevlieging plots lid geworden van de Nieuw-Vlaamse Alliantie, in de wandeling beter bekend als de N-VA. Het moet gezegd dat ik tijdens kiesverrichtingen onveranderlijk hun bolletjes inkleur, omdat ik me wel kan vinden in hun programma en doelstellingen. Zo beschouw ik Theo Francken bijvoorbeeld als een man die uitstekend werk levert in zijn hoedanigheid van staatssecretaris voor Asiel en Migratie, al zullen de hoog van de toren blazende groenen en de niet bepaald voorbeeldige sossen het niet met me eens zijn, om van de Waalse oppositie nog te zwijgen. De Franstalige groenen schrokken er onlangs zelfs niet voor terug om de spot met hem te drijven door zijn afbeelding de fotoshoppen en hem in een nazi-uniform te steken. Niet meer normaal!

Vanmorgen heb ik van de N-VA een brief gekregen, waarin ze mij bedanken voor bewezen diensten … eeh … voor mijn lidmaatschap. Het schrijven is ondertekend door de algemeen secretaris en door de algemeen voorzitter, zijnde Bart de Wever. Laatstgenoemde is volgens mij een intelligent, om niet te zeggen erudiet persoon, die bovendien een aardig mondje Latijn spreekt, maar …

… die handtekening van hem! Christene zielen, wat is dat een miserabel en bedroevend krabbeltje. Het lijkt nergens op en zelfs een kind vermag het moeiteloos na te maken. Je kunt er, met een beetje goeie wil, een nogal onzekere letter D in herkennen, gevolgd door een golvend lijntje, dat plots rechtsomkeert maakt en strak terugkeert naar de plek waar het vandaan komt. Wat is dat een teleurstellend gevalletje en allerminst een autogram dat je van de voorzitter van Vlaanderens grootste partij zou verwachten.

Nu ben ik nergens voorzitter van en ik heb ook nergens wat in de melk te brokken, maar ik heb wel een buitengewoon fraaie en bijzonder ingewikkelde handtekening, waar ik trots op ben en heel veel bijval mee oogst.
“Dat kun je wellicht geen tweede keer”, zegt men vaak als men er getuige van is hoe ik dat zwierige geval op papier gooi. Dat kan ik dus wel, zelfs honderd keer en waarschijnlijk zelfs duizend keer, al heb ik dat nog nooit geprobeerd.

Nu ben ik dus lid van de N-VA, al zou ik bij god niet weten waar dat eigenlijk goed voor is. Als ze de grootste partij van Vlaanderen blijven, en dat zit er dik in, komt er misschien een dag waarop ze besluiten dat al hun leden niet langer belastingen hoeven te betalen. Of iets anders van die strekking.

Voor mij niet gelaten!

De stemming zat er al goed in

Ik pleeg van mijn hart geen moordkuil te maken, dus mag iedereen weten dat ik vanmorgen om tien voor negen, na bijna drie kwartier aanschuiven, al mijn stemmen heb toevertrouwd aan de mensen van:

N-VA

Ik ben er namelijk van overtuigd dat Vlaanderen er niet kwalijk zal bij varen als zij wat in de melk te brokken hebben.

Trahit sua quemque voluptas
Vergilius
Een mens z’n lust is een mens zijn leven

Bevel is bevel

Ik heb opnieuw dat sterke staaltje van democratie op z’n Belgisch in mijn bus gekregen …

verkiezingen1

… en alsof dat op zich al geen aanfluiting is, gaan ze ons ook nog eens vertellen op welk tijdstip we ons het best van dit bevel kunnen kwijten:

verkiezingen2

Ze kunnen wat mij betreft het zeepokkenlazarus krijgen! Ik zal mij ter stemming aanbieden wanneer mij dat het beste uitkomt en als ik onverhoopt in een lange wachtrij terechtkom, zal ik daaromtrent zo luidruchtig lucht aan mijn ontevredenheid geven, dat ze me bij een volgende gelegenheid zullen vragen om asjeblief niet te komen. Dan zal ik natuurlijk wel gaan, kwestie van tegendraads te zijn, maar onder ons gezegd en gezwegen: ook zonder bevelschrift zou ik aan die kleurwedstrijd deelnemen.

Vrijheid, blijheid.

Wat een portretten!

Weten jullie waar ik me mateloos aan erger?
“Daar gaan we weer!”, hoor ik jullie mompelen. “Uilenvlucht heeft weer een been gevonden waaraan hij eindeloos kan knagen.”
Welja! Ergernis is mijn creatieve brandstof. Als ik last heb van een ongenoegen, dan moet ik dat spuien. Daar helpt geen lievemoederen aan, dus moet ik nu hoe dan ook even kwijt dat ik in hoge mate geïrriteerd raak door de verkiezingsborden, die men overal in Vlaanderen klakkelings neerpoot en waarmee men de schilderachtigste plekjes versjteert, om nog te zwijgen van de onbelemmerde verten die ze verkutten.

Het is geen geheim dat politici het meestal niet met zichzelf getroffen hebben en zelden, of eigenlijk nooit een schoonheidsprijs verdienen. Desalniettemin bemaskeren ze hun tronies met een gesuikerde-peertjes-uitstraling en een obligate glimlach, met vertoon van gekunstelde tandklavieren waarmee je brand kunt stichten.

Vanmorgen heb ik mijn geurvlag tegen zo’n bord geplant. De afgebeelde politicus, die onder een onnozele slogan op me neerkeek, had een pafferige kop, waaronder een vaalgele pelikaankeelzak lilde.
“Zijn dat je kinnen, of rust je hoofd op een stapel pannenkoeken?” informeerde ik.

Weten jullie wat ik me afvraag?
“Daar gaan we weer!” hoor ik jullie mompelen. “Uilenvlucht worstelt weer met een vraag en valt er iedereen mee lastig.”
Welnee! Dit keer is het een retorische vraag en ik verwacht dus geen antwoord.

Zou heel die smoelententoonstelling ooit al eens een stem opgebracht hebben? Zijn er mensen die naar zo’n bord kijken en zeggen: “Wat is me dat een interessant persoon. Voor die zal ik stemmen, zie!”

Veel geschreeuw en weinig wol

Het eerste verkiezingsdruksel is in mijn brievenbus neergedwarreld, anderhalve maand voor de feiten.
Deze allerminst benijdenswaardige primeur is voor een opvolger op een kamerlijst van Open VLD. Zijn betoog klinkt zo rooskleurig en bemoedigend dat men er haast optimistisch zou van worden. Hij belooft me gouden bergen en zal ongetwijfeld slechts met een molshoop komen aanzetten. Wie het eerst komt, het eerst maalt, zal hij gedacht hebben, maar dan heeft hij verkeerd gedacht. Ik zal net zo min voor hem stemmen als voor een andere kandidaat van zijn clubje. Nog voor geen honderd pond klontjes.

Een Trojaans paard?

Het is nog maar een paar dagen geleden dat ik hier mijn besluit kenbaar maakte, om tijdens de komende verkiezingen vooral niet op Open Vld te stemmen. Hetgeen ik vandaag vernam, sterkt me alleen maar in die overtuiging. Het heeft ene Michel Verschueren ─ 82 jaar, Commandeur in de Leopoldsorde wegens de hemel mag weten welke verdiensten, die van zichzelf denkt dat hij een godsgeschenk is en zich graag op zijn aliassen ‘Mister Michel’ en ‘De Zilveren Vos’ laat voorstaan ─ behaagd de plaats van lijstduwer op de Vlaams-Brabantse kamerlijst van Open Vld in te nemen. Wat de merites van die ijdeltuit zijn, weet ik niet, maar jullie kunnen ze misschien terugvinden in de onderstaande uitspraken die men uit zijn mond heeft opgetekend:

─ Stakers zijn luieriken.
─ Twee mannen of twee vrouwen in een bed zijn decadent.
─ De ‘groenen’ zijn gecamoufleerde communisten.
─ Vakbonden moeten niet voor kleinigheden staken.
─ Arbeiders en bedienden zouden voor het behoud van hun job een uur langer moeten werken.

Naar verluidt is Gwendolyn Rutten, voorzitster van de Open Vld, blij met deze lijstduwer in haar provincie. Ik kan me niet van de indruk ontdoen dat men Gwendolyn zelfs blij zou kunnen maken met een dode mus.

Ik voel me niet geroepen om nog meer woorden aan dat heerschap te verspillen, maar wil graag besluiten met twee volgens mij toepasselijke spreekwoorden:

─ Een vos verliest wel zijn (zilveren) haren, maar niet zijn streken.
─ Als de vos de passie preekt, boer pas op je ganzen.

Habemus papam?

witterookIk zou bezoek over de vloer krijgen en legde het haardvuur aan, om het wat gezelliger te maken en ook een beetje voor de warmte natuurlijk, want hoewel er wellicht niemand bis of encore riep, heeft de winter toch besloten om ons op een toegift te trakteren. Toen ik me naar buiten begaf om daar een voorraadje brandhout op de kop te tikken, arriveerde er net een van mijn vrienden.
─”Habemus papam!” riep hij en hij wees naar de witte rook die uit de schouw opsteeg.

Als de nieuwe paus verkozen is, kringelt er immers witte rook uit een tijdelijk schoorsteentje van de Sixtijnse kapel, die als stemlokaal fungeert. Niet veel later verschijnt er dan een katholieke hoogwaardigheidsbekleder op een balkon van het Vaticaan en die verkondigt naar aloud gebruik en met luider stem: Habemus papam!

Dat is Latijn en het betekent zoveel als: Wij eten pap! De katholieken beschouwen het eten van pap namelijk als een uiting van grote vreugde en gelukzaligheid, want het is genoegzaam bekend dat men ook in de hemel naar hartenlust rijstpap verorbert.

In weerwil van die witte rook en mijn verkiezing tot paus heb ik mijn bezoek van gisteravond geen pap voorgezet.

Wie gaat er mee naar Amerika?

Ik wilde weleens weten wie er gedurende de eerstkomende vier jaar de Amerikaanse scepter zou hanteren. Aangezien de beslissing daaromtrent zich op een voor ons onchristelijk uur voltrok, probeerde ik vannacht rond de klok van tweeën het hoogbejaarde televisietoestelletje op mijn slaapkamer enig leven in te blazen. Na die reanimatie liet ik CNN op me los, maar ik slaagde er natuurlijk niet in om wakker te blijven. Zo’n verkiezingsprogramma is een saaie bedoening en lang niet zo meeslepend als bijvoorbeeld een film met James Bond … of Bambi.

electionIk dommelde in, maar af en toe opende ik de ogen om een lodderige blik op het scherm te werpen, waar een handige balk me verklapte hoeveel kiesmannen de beide kandidaten al achter zich hadden kunnen verzamelen. Vanmorgen om vijf uur schakelde ik dan over naar de uitzending van de Vlaamse televisie, zodat ze daar toch op minstens één kijker konden bogen en al hun moeite derhalve niet voor niks was geweest. Ze hadden zowaar de notoirste Amerikakenner van Belgenland en belendende percelen uitgenodigd: de politica Gwendolyn Rutten. Die putte zich uit in gemeenplaatsen en oppervlakkigheden, roerde met graagte wat Engels door haar Nederlands en bleef tot vervelens toe herhalen dat ze in Amerika geweest was.

Rond een uur of zeven, nadat de journaliste Kathleen Cools haar stem kwijtgeraakt was en Gwendolyn voor de elfendertigste keer een zin begon met “toen ik in Amerika was”, verscheen de triomfator, Barack Obama, op het ruitje voor zijn overwinningstoespraak. Daar zat ik naar uit te kijken. Ik heb het hier al eerder geschreven: hij bezit de gave van de retorica en wie zich op welsprekende wijze vermag uit te drukken, heeft een wit voetje bij me, al zal dat in zijn geval wellicht een eerder zwart voetje zijn. Hij gaf me daar toch weer een prachtig discours ten beste en op het hoogtepunt ervan … snoerde men hem plots de mond en hoorden we de journalist Wim De Vilder bazelen dat het wel een heel lange redevoering was, alsof hetgeen hij ons op dat moment kon vertellen veel interessanter was dan de speech van Obama. 

Wel godverdomme hier en gunter! Zijn ze bij de VRT nu helemaal van de ratten besnuffeld?! Wat een stelletje amateurs! Misschien kunnen ze bij een volgende gelegenheid Eddy Wally uitnodigen. Die is ook in Amerika geweest, net als Gwendolyn Rutten. Ja, Gwendolyn Rutten is in Amerika geweest, dat ze in Amerika geweest is.

Copyright Uilenvlucht 2017 Frontier Theme