Tag: podiumkunsten

Klavierleeuw

Ik zit deze week iedere avond aan het ruitje gekluisterd, want daar voltrekt zich de finale van de Koningin Elisabethwedstrijd, waarin de piano dit jaar de hoofdrol speelt.

VondrácekGisteravond was het de beurt aan de Tsjech, Lukáš Vondráček, die zich aan het aartsmoeilijke concerto n. 3 van Sergej Rachmaninov waagde. Mensen kinderen! Dat was geen tangelen wat die man deed. Wat ik zag en wat hij presteerde, grenst aan het onwaarschijnlijke. Hij speelde zich in het zweet en bijna letterlijk de tong op de hielen. Fenomenaal! Ik heb nooit een betere uitvoering van Rachmaninov 3 meegemaakt.

Hij kreeg dan ook een laaiende en staande ovatie; koningin Mathilde kon haar tranen nauwelijks bedwingen en ik … ik zat compleet perplex op de bank en geloofde amper wat ik gezien en gehoord had.

Van mij mag hij winnen.

Zwijmelzang

Gisteravond begaf ik me per televisie naar het Paleis voor Schone Kunsten in Brussel, om daar de eerste finaleavond van de Koningin Elisabethwedstrijd voor Zang 2014 bij te wonen. De koning en de koningin waren daar ook, net als ons kroonprinsesje.

De Belgische coloratuursopraan, Jodie Devos, was tijdens de eerste ronde van het concours zowaar in een flauwte gevallen ─ ze moest er met andere woorden even bij gaan liggen ─ maar ze kreeg een herkansing van de welwillende jury en slaagde erin tot de finale door te dringen. Ze mocht de spits afbijten en door hetgeen ze met veel brio ten beste gaf, flikkerde ik bijna van de bank waarop ik zat. Dat een meisje van nauwelijks vijfentwintig jaar zulke virtuoze, ja zelfs wonderbaarlijke klanken aan haar stem vermag te ontlokken, vervulde me met verrukkelijke verbazing, om niet te zeggen gelukzalige verbijstering.

Ik denk dat ik me vanavond opnieuw naar de Bozar zal begeven. En morgen ook. Ja, zelfs op zaterdagavond. Ik heb slechts één verzoek: mag de sympathieke Thomas Vanderveken alsjeblieft al de interviews met de kandidaten voor zijn rekening nemen? Ik heb niks tegen Katelijne Boon als presentatrice, maar haar vraaggesprekjes in het Frans of het Engels zijn gestuntel van de eerste orde en haar vertalingen raken kant noch wal. Thomas doet dat oneindig veel beter en met verfrissend naturel.

Ratjetoe

Lou Reed is dood en dat betreur ik hartstochtelijk. Ik heb vanmorgen ingetogen zijn weergaloze Perfect Day beluisterd en ja, kijk, dan grijpt ontroering een mens toch bij de strot.

In Saudi Arabië hebben een zestigtal moedige dames het voor vrouwen geldende rijverbod aan hun laars gelapt, of aan het schoeisel dat ze gisteren droegen, en ze maakten een tochtje met een auto die ze zelf bestuurden. Het weze mij toegestaan om dat door invloedrijke geestelijken uitgevaardigde verbod een in hoge mate achterlijk en onnozel voorschrift te vinden, net als het argument waarmee men het verdedigt: als vrouwen achter het stuur mogen plaatsnemen zou losbandigheid welig tieren. Volgens mij zijn er serieuze kosten aan die luiden.

Ik heb het stormweer getrotseerd en ben naar het dorp gewandeld. Dat viel niet mee: mijn benen liepen harder dan mijn schouders. Bovendien moest ik voortdurend hindernissen ontwijken. Onvoorstelbaar wat er allemaal op pad gaat als het enigszins opwindend waait. We weten allemaal al dagen dat er waaiweer zit aan te komen en men heeft ons gewaarschuwd dat we maar beter alles wat los zit vast kunnen maken, maar toch huppelt er van alles en nog wat rond: papier, plastic, petflessen, bloempotten, jerrycans … Vanmorgen diende ik zelfs uit te wijken voor … een heks, die als een wilde furie door de straat scheerde terwijl ze zich wanhopig aan haar bezem vastklampte. Waarschijnlijk heeft men haar ergens als Halloweenornament neergepoot, maar ze heeft van de humeurige windvlagen misbruik gemaakt om te ontsnappen. Ik kan haar geen ongelijk geven.

Het zal me benieuwen wat de dag nog allemaal voor me in petto heeft.

Kippenvel op mijn ziel

Ik was gisteravond op visite bij een echtpaar dat vermoedelijk fortuinlijk geboerd had en ─ hoe zal ik zeggen? ─ in een nogal onbekrompen villa woonde. Het scheelde niet veel of men had een stafkaart nodig om de weg te vinden in dat nederige stulpje. De zoon des huizes wilde zich de taal van Cervantes eigen maken. Aangezien hij aan een ziekte leed die hem, zo liet men doorschemeren, langzamerhand aan het uitwissen was, zocht men een privéleraar en men had goede geruchten over me opgevangen …

steinwayToen ik in een van de salons een heuse concertvleugel van Steinway & Sons aantrof, zong mijn hart op van vreugde en viel ik ten prooi aan verrukkelijke verbazing. Wat zeg ik!? Om bij het gevleugelde onderwerp te blijven: ik zette ogen als vleugeldeuren op. Nooit eerder had ik het voorrecht genoten om zo’n indrukwekkend instrument van dichtbij te aanschouwen, laat staan aan te raken.

Men bleek het speeltje, dat zo maar eventjes € 104 000 kost, aangekocht te hebben ten behoeve van mijn toekomstige leerling, die naar men beweerde over een zeldzaam muzikaal talent beschikte. De jongen verscheen en men kon hem met een kaarsje doorlichten, alsof hij van kraakporselein gemaakt was. Hij informeerde naar mijn favoriete pianostuk en ik zei dat dit zonder enige twijfel het Romanze:Larghetto (aanklikken, luisteren en genieten) uit het eerste pianoconcerto van Chopin was. Niet veel later bewandelden zijn vingers het klavier en Chopin vlinderde uit de snaren. Hij speelde me ongeveer in tranen.

Er zijn slechts weinig dingen waar ik spijt van heb, want ik doe niet zo aan spijt, maar ik betreur het ten zeerste dat ik geen enkel muziektuig vermag te bespelen en zelfs niet in staat ben om een noot te lezen. Er slingert hier weliswaar een waardeloze viool rond, waaruit ik dus nooit emoties zaag. Ik ben tevens eigenaar van een vrij dure flamencogitaar, waaraan ik evenwel geen akkoord kan ontlokken. Dan heb ik ook nog een blokfluit, maar meer dan een ‘Te Lourdes op de bergen’ en een ‘Broeder Jacob’ heeft die nimmer laten horen, althans niet door mijn toedoen.

Nu heb ik echter een kloek besluit genomen. Ik zal pianolessen nemen en me binnen afzienbare tijd tot een echte klavierleeuw ontpoppen. Als het eenmaal zover is, zal ik noodgedwongen moeten verhuizen, want in mijn optrekje kan ik nergens een concertvleugel onderbrengen. Zo’n gevaarte is immers anderhalve meter breed en bijna drie meter lang. Dat zijn echter zorgen voor morgen.          

Muziek is mijn lust en mijn leven. Ik heb onlangs een cd cadeau gekregen met pauzes uit beroemde opera’s. Zal ik die nu maar even onder het laseroog leggen?

Genieten van Geniet

RémiGenietDeze week nestel ik me iedere avond om acht uur voor het ruitje, om me aan de finale van de Koningin Elisabethwedstrijd voor piano te verlustigen.

Gisteren bracht een jeugdige fransoos me in verrukking. Op magistrale wijze voerde hij het derde pianoconcerto van Sergej Rachmaninov uit. Wie een beetje zijn klassiekers kent, zal weten dat dit een van de moeilijkste werken voor piano is, maar die knaap bracht het schijnbaar uit de losse pols ten gehore. Zijn handen fladderden en wervelden over het klavier en zijn vingers betokkelden de toetsen in een razend tempo. Heremijntijd! Dat was geen tangelen. Hoe doen die mensen dat in vredesnaam?

De virtuoos in kwestie is nauwelijks twintig jaar jong en hij heeft zijn naam alleszins niet gestolen, want hij heet Rémi Geniet. Ik genoot van Rémi Geniet en zat met open mond naar hem te kijken. Achteraf heb ik mijn mond natuurlijk dichtgeklapt, zij het niet zonder moeite, want hetgeen hij presteerde, bleef lang natrillen.

Vandaag voel ik me zo’n kneus als ik stuntelig het klavier van mijn pc beroer en me geregeld van toets vergis.

De knepen van het vak

De jonge en veelbelovende wielrenner, Peter Sagan, bestond het om op ereschavot van de Ronde van Vlaanderen op schalkse wijze in de bil van een van de voor de huldiging opgetrommelde misses te knijpen. Zoiets hoort men inderdaad niet te doen, maar er bestaan ergere dingen. Noem het voor mijn part een kwajongensstreek, want meer was het niet.

billenknijper

Er stak meteen een storm van verontwaardiging op. Verzuurde azijnpissers van beiderlei kunne schreeuwden moord en brand over het tentoonspreiden van dergelijk seksistisch gedrag en Peter Sagan zag zich genoodzaakt om per tweet zijn excuses aan te bieden.

sagantweet

Ook Maja Leye, het bloemenmeisje dat het slachtoffer was van deze hoogst ontuchtige aanraking vond zijn gedrag ‘allesbehalve gepast’. Misschien is het ook niet gepast dat allerhande huppelkutten, vaak getooid met panoramische halsuitsnijdingen en roekeloze rokjes, op een podium klimmen om mannen af te lebberen. Men moet mij eens komen vertellen waar dat eigenlijk goed voor is.

“’t Was maar om te lachen”, zegt Peter Sagan, geschrokken van al die commotie, en ik wil hem graag geloven.
Ik moet er in alle geval hartelijk om lachen en ik blijf hem een schitterende coureur vinden. En die Maja Leye vind ik een kleinzerige trut, die weliswaar grote verontwaardiging voorwendt, maar wellicht wat blij is dat ze even in de belangstelling staat.

Lullepottende manwijven

Ik verneem tot mijn afgrijzen dat de televisie ons binnen afzienbare tijd, vanaf 13 oktober, wekelijks op “Debby & Nancy’s Warme Winter Show” zal vergasten. Je moet warempel een genie zijn om zo’n onnozele titel te bedenken, maar dat is niet de reden waarom ik nooit ofte nimmer naar dat programma zal kijken. Ik heb namelijk een gloeiende siroophekel aan die flauwe afkooksels van Dame Edna en Margreet Dolman die het programma presenteren.

Stany Crets en Peter Van den Begin vertolken Debby & Nancy ─ die namen alleen al! ─ en dienen zich daarvoor als vrouw te vermommen. Spaar me! Lelijkere wijven zal je nergens op de aardkloot aantreffen en ze staan nog ongehoord bot en ordinair in het leven ook. Ze ratelen als Tibetaanse gebedsmolens, hebben het ene snibbige praatje na het andere in de aanbieding en zijn voortdurend drenkelingen in hun eigen woordenstroom. Tot overmaat van ramp vindt dat rad kwekkend duo het bovendien nodig om zich met falsetstemmen aan hun oeverloos gezwam over te geven. Kijk, daar krijg ik het behoorlijk van op mijn teringtietjes. Wat zeg ik?! Ik krijg er stenen kloten van!

Reken maar dat ik me het lazarus zal zappen als Debby & Nancy onverhoeds op mijn ruitje verschijnen en aanstalten maken om me de kop gek te zeuren. Volgens de bijtitel van een van hun vroegere programma’s deden ze er alles aan om de Vlaming gelukkig te maken. Als ze dat toen werkelijk beoogden, hoefden ze wat mij betreft nooit meer terug te keren.

Ik wil echter op een positieve noot eindigen. Gisteren besloot een journaalanker zijn presentatie met een weerbericht, dat hij in een heerlijk poëtisch fijnproeverszinnetje samenvatte:

Zacht is het woord voor het weer vannacht.

Daar kunnen Debby & Nancy een punt aan zuigen.

De bladdraaister

Ik zal deze week iedere avond aan de televisie gekluisterd zitten, teneinde getuige te zijn van de laatste loodjes van de Koningin Elisabethwedstrijd voor viool. De twaalf finalisten vergasten de liefhebbers op het beste van hun kunnen tijdens het uitvoeren van zowel een sonate, als een opgelegd werk en een concerto: ruim drie uur muziek van de bovenste plank.

Gisteren kregen we twee keer een sonate voor piano en viool van Sergei Prokofjev opgediend en terwijl ik die zat te degusteren, raakte ik danig gecharmeerd door de sierlijke manoeuvres van een jongedame, die zich schuin achter de klavierleeuw ophield en zich telkens weer van haar stoel moest verheffen, om op elegante en toch tamelijk onopvallende wijze een bladzijde van de partituur om te slaan.

Iemand die zich daarmee onledig houdt, heet een bladomslaander of een paginaomdraaier, al durven sommigen ook het nogal oneerbiedige bladluis gebruiken. Het lijkt me een niet te onderschatten taak. Je moet niet alleen heel goed muziek kunnen lezen, maar ook voldoende lenig zijn om je zonder ongewenste aanrakingen over zo’n uitgestrekte concertvleugel heen te buigen, om vervolgens op het juiste tijdstip slechts één pagina om te slaan zonder je vinger nat te maken, want dat laat de etiquette niet toe. Er rust dan ook een grote verantwoordelijkheid op de schouders van zo’n bladomslaander, want voor hetzelfde geld ben je te vroeg of te laat, of je slaat een bladzijde over … en dan krijg je de poppen aan het dansen natuurlijk.

Na de sonate namen de violist en zijn begeleider, de pianist, buigend als knipmessen de ovatie in ontvangst. De bladomslaande jongedame, die op haar beurt toch ook de pianist begeleidde, werd niet in de hulde betrokken. Ze verdween vrijwel ongemerkt van het toneel.  Ik vond dat de virtuoze violisten en pianisten haar best wel een hand hadden mogen geven, als blijk van waardering.

Ik zou vanavond staken als ik haar was.

Ik ken ze wel smeriger

Het was jaren geleden dat ik hem gezien had, maar toen ik hem gisteren tegen het lijf liep, herkende ik hem meteen. Er gliste zelfs een huivering over mijn rug, want ik herinnerde me precies de omstandigheden van onze eerste confrontatie en het waren niet bepaald opbeurende beelden die zich voor mijn geestesoog ontvouwden.

Het gebeurde in het bedompte feestzaaltje van een dorp dat nog net niet dood was, waar we ons met zijn allen aan de toeren en trucs van een illusionist vergaapten. De man had niet alleen het kwaadaardig charisma waaruit legenden ontstaan, maar hij goochelde en toverde er lustig op los, las gedachten alsof er geen kunst aan was en hypnotiseerde zich de ziel uit het lijf. We lachten ons een natte luier met de dolle fratsen van acht vrijwilligers uit het publiek, die op het kompas van de prestidigitateur leken te zeilen en schijnbaar willoos naar zijn pijpen dansten.
─”Jullie hebben het ontstellend warm!” riep hij. “Jullie vergaan zowat van de hitte!”
De acht slachtoffers begonnen zich gezwind uit te kleden … en toen stond daar opeens, ten aanschouwen van allen daar aanwezig, de jongen die ik gisteren terugzag, getooid met een onderbroek die in geen weken gewassen was en alle kleuren van de regenboog vertoonde …

… en dat onthoud je dan de rest van je leven.

Swing es met je dinges

Ik heb er niet de minste moeite mee om te bekennen dat ik tot voor een paar weken nooit van Michael Bublé gehoord had. Toen verscheen deze Canadese zanger op de televisie, om een kerstshow ten beste te geven. Tijdens zijn stemmig gezang raffelde ik rustig verder op het klavier van mijn pc, want ik zat niet meteen te zwijmelen, maar als achtergrondmuziek kon het er best mee door.

Hij trok het schier onvermijdelijke lied Blue Christmas op gang en na ongeveer anderhalve minuut mochten de muzikanten die hem begeleidden zich ook eens laten gelden. Nou moe! Dat was niet gering. Ze ontpopten zich ras tot een laaiend orkest. Ik hield gelijk op met tikken en mijn verrukkelijke verwondering maakte plaats voor gelukzalige verbijstering. Ik moet danig onder de indruk geweest zijn van hetgeen ze presteerden, want toen ik daarnet de aan hen gewijde notitie herlas, merkte ik dat ik me bij hoge uitzondering aan een contaminatie bezondigd had. Ik schreef namelijk: dat swingt als een tiet de pan uit.

Als jullie deze link aanklikken, kunnen jullie het nummer in kwestie ook beluisteren, maar oefen dan vooral anderhalve minuut geduld en je zult een uit de pan swingende tiet als beloning krijgen. Ik ben overigens duidelijk niet de enige enthousiasteling, want in de commentaren onder het filmpje gooit een fan al meteen haar slipje naar het scherm, waarop een fetisjist gezwind reageert dat ze het kledingstukje ook in zijn richting mag gooien.

Als we maar gezond zijn!

Copyright Uilenvlucht 2017 Frontier Theme