Tag: kalenderwijsheid

‘t Is triestig dat het regent in den herfst

herfstbanner

Vanmorgen in alle vroegte, namelijk om 03.54, is de herfst, anders gezegd het vallen van het blad, begonnen. Het regent dan ook pijpenstelen, afgewisseld met oude wijven met klompen, en het waait opwindend.

Naar verluidt zullen we eerlang onze voorkeur betreffende winter- of zomertijd mogen kenbaar maken, aangezien men eindelijk van plan is om dat halfjaarlijkse geklooi met de tijd en de daarmee gepaard gaande klokken af te schaffen.

Ik mag van harte hopen dat we met zijn allen voor de wintertijd zullen kiezen, want dat is feitelijk de normale tijd, waarop ons natuurlijk biologisch ritme afgesteld is. De zomertijd is en blijft een geforceerde tijd en ik moet er niet aan denken dat we wie voor altijd op ons dak krijgen.

Het zal me benieuwen wat er uit de bus komt.

Over duivels en kwenen

Mijn scheurkalender – De Druivelaar – verklapt dat het vandaag Kwenenzondag is. Ik had daar tot vanmorgen nooit van gehoord, al weet ik natuurlijk dat een kween onder andere een oude zeurkous is, dus ging ik op zoek naar tekst en uitleg over dit fenomeen, want ik ben nogal een nieuwsgierig en folkloristisch persoon.

kwenenzondagMijn queeste leverde slechts weinig resultaat op. In een heel oud weekblad – ‘t Getrouwe Maldeghem van 18 maart 1906 – vond ik het artikeltje dat jullie hiernaast aantreffen. Alle worstjes op een stokje! Oude wijven opstoken om het einde van de winter te vieren … Dat waren nog eens tijden!

Ik boorde vanzelfsprekend verder en ontdekte dat het niet zo’n naargeestige vaart liep. Op de derde zondag van de veertigdagentijd – de katholieke vasten – verbrandde men de winter, Pier Vrieze, onder de gedaante van een aangeklede stropop. Dat was al een heel stuk minder bloeddorstig en kinderen maakten het verhaal nog zoetsappiger, want die plachten op die dag de straat op te gaan met een mandje, waarin zich een pop bevond die de winter moest voorstellen en dan zongen ze:

Oude quene babelboone
Isse oudt, s’en is nid schoone
Gheeft ze doch een ey,
Daer me looptse wey.

Als ik het allemaal goed begrijp, kun je de winter ook met een gewoon ei verjagen.

Dat was dat, maar toen wilde ik ook nog even uitvogelen waar de in het krantenartikeltje vermelde benaming stomduivelzondag vandaan kwam. Het evangelie dat men op de derde zondag van de vasten voorleest in katholieke kerken handelt over een door Jezus uitgevoerde duiveluitdrijving bij een stomme man, die van de weeromstuit kon spreken. Wie wil weten hoe dat allemaal in zijn werk ging, kan dat nalezen in Lucas, hoofdstuk 11, verzen 11 tot en met 28.

En zodoende is mijn nieuwsgierigheid helemaal bevredigd en ik hoop die van jullie ook.

Lentenieren

Ik was tot gisteren in een land hier ver vandaan (waar mijn wiegje heeft gestaan). Toen ik vernam dat de herfst daar vandaag zou beginnen, ben ik in allerijl op een grote vogel geklauterd, om met gezwinde vleugelslag en gejaagd door straalmotoren naar Vlaanderen te fladderen, waar vanmorgen, meer bepaald om 11.28 uur, de lente haar intrede doet.

Prijs de hemelen! Men zou er haast optimistisch van worden. Dat wordt drie maanden genieten! Als het niet regent.

piepkuiken

Wat geef je?!

SluiterkensdagDeze morgen verklapte mijn scheurkalender, De Druivelaar, dat het vandaag ‘sluiterkensdag voor moeders’ is. De meesten van jullie kunnen zich daar vermoedelijk weinig of niets bij voorstellen, maar ik keerde terug naar een verleden waarin ik nog klein en boosaardig was en iedereen die er voor mij toe deed nog leefde.

De sluiterkensdagen ─ een Vlaamse folkloristische traditie die helaas bijna verdwenen is ─ zijn de vier dagen voor het begin van de katholieke veertigdaagse vasten op Aswoensdag. De zaterdag is voor de moeders, op zondag zijn de vaders aan de beurt, op maandag de meisjes en de jongens op dinsdag. Op hun respectievelijke sluiterkensdag mag men de moeders, de vaders, de jongens of de meisjes buiten- of opsluiten. De slachtoffers dienen vervolgens hun toegang of vrijheid af te kopen door de belofte om iets te doen, of door de daders te trakteren.

Mijn ouders en ikzelf hebben altijd enthousiast aan dat gebruik deelgenomen en ik bewaar goede herinneringen aan de vaak spitsvondige manier waarop wij de slachtoffers in spe probeerden te bewegen om zich naar buiten te begeven. Mais où sont les neiges d’antan

Bij gebrek aan beter heb ik net een vriendin, die tevens moeder is, buitengesloten.
“Wat geef je?!” riep ik toen ze aan de deur rammelde.
Ze wist niet waar ze het had en dacht dat ik zo het gesticht in kon.

Copyright Uilenvlucht 2018 Frontier Theme