Tag: hebbelijkheden

Elke zot heeft zijn marot

schrijfmap

Een van mijn talloze hebbelijkheden manifesteert zich als ik me aan het neerpennen van lenig proza wijd, zoals bijvoorbeeld het schrijven van een bijdrage voor mijn blog.

Ik heb jullie waarschijnlijk al eens medegedeeld dat ik mijn teksten altijd eerst met de pen in de hand op papier zet. Dat is in deze door toetsenborden gedomineerde tijden al vrij opzienbarend, maar daarmee is bij mij de kous nog niet af. Ik maak namelijk vrijwel uitsluitend gebruik van schrijfblokken met het gele, blauwgelijnde en van een marge voorziene papier, die men vaak in Amerikaanse films en feuilletons ziet opduiken als er advocaten, notarissen, journalisten, schrijvers en wat dies meer zij in beeld verschijnen en notities maken.

In de Joenaaitud Steets heten ze U.S.Legal Pads en je kunt ze daar voor een prikje kopen. Enkele jaren geleden heb ik er een aantal meegebracht uit New York en ik vond ze heel aangenaam in het gebruik, in die mate zelfs dat ik er een beetje verslaafd aan raakte. Toen ik door mijn voorraad heen was en noodgedwongen op een andere papiersoort overschakelde, ging het schrijven me plots veel minder vlot af, zodat ik in arren moede per internet op zoek ging naar die originele U.S.Legal Pads. Ik heb ze gevonden bij de Concept Store van Pro-Idee en ik heb ze besteld, hoewel ze er schandalig duur zijn. Negen schrijfblokken van honderd vel kosten zo maar eventjes € 39,95 en voor de verzendingskosten moet je ook nog eens € 18 afdokken. Achttien euro! Ik dacht dat men ze per helikopter bij me zou afleveren, maar ze kwamen gewoon met een autootje van de post.

Op de afbeelding hierboven kunnen jullie zien hoe het stukje dat jullie nu aan het lezen zijn tot stand is gekomen. Het zal jullie duidelijk zijn dat daar behoorlijk wat tijd mee gemoeid is. Je bent een perfectionist of je bent het niet en ik ben het. Gelukkig hoef ik na het schrijven niet alles nog een keer uit te tikken. Mijn pc is namelijk uitgerust met een ingenieus en ook weer erg duur spraakherkenningsprogramma van Dragon, dat bijna foutloos typt wat ik dicteer of voorlees, zodat ik nauwelijks wat hoef te verbeteren.

Als iemand van jullie weet waar ik de Original U.S.Legal Pads voor een voordeliger prijs dan hierboven vermeld kan aanschaffen, zal ik dat graag vernemen. Mijn dankbaarheid zal vanzelfsprekend groot zijn.

Bemoeizucht

ZiZIn de supermarkt plukte ik een verpakking met sneetjes gruyèrekaas van ZiZ uit het rek, om die thuis in het gezelschap van een plakje ham tussen brood onder te brengen, met croque-monsieurs als resultaat. Nog voor het pakje in mijn winkelkar lag, werd ik benaderd door een dame die zich al geruime tijd aan de verkeerde kant van de middelbare leeftijd bevond.
─”Moet je niet kopen!” zei ze. “Die dingen zijn buitengewoon ongezond en als je ze smelt, worden ze zo taai als rubber.”
─”Ik zal zelf wel beslissen wat goed voor me is en wat ik wil kopen”, antwoordde ik enigszins geërgerd. “Daar heb ik geen hulp bij nodig.”
─”Oeioeioei!” riep ze en ze zette een gezicht alsof ze een gril van de natuur zag. “Je bent wel heel gauw gepikeerd.”
─”Dat kan best zo zijn,” schokschouderde ik, “maar anderzijds zal ik me nooit bemoeien met zaken die me niet aangaan.”

Ik heb mijn croque-monsieurs met smaak verorberd. De kaas was helemaal niet taai en ik ben er ook niet ziek van geweest. Als de fabrikant van ZiZ dit leest, mag hij me in ruil voor deze gratis reclame gerust een presentje bezorgen. Ik ben met weinig tevreden. 

Achterklap

Ik ben over het algemeen een duldend mens en eerder inschikkelijk van aard, al zijn er wel een paar dingen waar ik me mateloos aan erger. Zo heb ik er bijvoorbeeld een bloedhekel aan dat sommigen het aandurven om in mijn bijzijn, ja zelfs als ze in mijn woning te gast zijn, over te gaan tot het vrijlaten van onbeheerste winden en knallende veesten. Bewaar me, zeg! Ik kan dat absoluut niet billijken. Mag ik?

Gisteren kreeg ik een karbouw over de vloer. De zeven paarden die hem uit de klei getrokken hadden, stonden daarvan nog na te hijgen. Terwijl ik een brief voor hem vertaalde, vergastte hij me op een wel zeer luidruchtige broekhoest. Hij lanceerde de ene flatus na de andere en dat bracht me compleet van mijn à propos.
─”Man, doe toch eens normaal!” foeterde ik.
─”Effe lekker knallen schijnt gezond te zijn”, grinnikte hij en hij voegde de daad bij het woord.
Ik verzamelde zijn papieren, overhandigde hem die en zei dat hij mocht aftaaien. Daar had hij niet van terug, maar toen ik de deur voor hem opende, trakteerde hij me toch nog een keer uitdagend op een allerminst delicate ruft.

Akkoord, scheten laten is des mensen, maar ik wil het niet weten, niet horen en nog veel minder ruiken. In de vierde eeuw voor het begin van onze jaartelling noteerde Hippocrates van Kos ─ die men als de grondlegger van de medische wetenschap beschouwt ─ het volgende in verband met het zich ontdoen van darmgas: “Winden dienen het lichaam bij voorkeur zonder geluid te verlaten, maar het is beter dat er wél geluid aan te pas komt, dan dat ze worden tegengehouden en zich inwendig opstapelen.”

Het zal jullie duidelijk zijn dat ik het niet met hem eens ben. Men zegge het voort!

Beestenboel

Hieronder een overzicht van de nationale sportploegen in België:

De Yellow Tigers: volleybal vrouwen
De Red Dragons: volleybal mannen
De Red Panthers: hockey vrouwen
De Red Lions: hockey mannen
De Belgian Red Flames: voetbal vrouwen
De Red Devils: voetbal mannen
De Belgian Cats: basket vrouwen
De Belgian Lions: basket mannen
De Red Wolves: handbal mannen
De Red Knights: motorcross mannen
De Belgian Diamonds: korfbal mannen
De Belgian Bullets: bobslee vrouwen

Is in België het Nederlands op? We kunnen het Engels niet laten, zoveel is zeker, en ik betreur dat ten zeerste.

Slechte manieren

airwickOnlangs heb ik drie automatische luchtverfrissers van Airwick Freshmatic gekocht. Als je die ieder voor zich en elk apart voorziet van twee batterijtjes en een spuitbus, produceren ze met geregelde tussenpozen ─ je kan dat instellen ─ een zuchtend, ja bijna proestend geluid als een hefboomsysteem in werking treedt en een wolkje parfum verstuift. Airwick beschrijft het als volgt: er wordt een explosie van heerlijke geuren verspreid door het vertrek. Mij best, al vind ik explosie toch een beetje overdreven.

Mijn toestellen staan opgesteld in het woongedeelte, in de badkamer en in mijn bureau. Om het halfuur ─ dat is de spaarstand ─ geven ze zich over aan de explosie van heerlijke geuren waarvan hierboven sprake was. De keuze aan parfums is legio, maar mijn voorkeur gaat uit naar een lekker luchtje uit het gamma Exotic Inspiration, ofte odeurs die, alweer volgens Airwick, geïnspireerd zijn door de rijkdom van de natuur, meer bepaald de blauwe klaproos uit de Himalaya. Nu ben ik in mijn leven één keer in de buurt van de Himalaya geweest, maar die blauwe klaproos heb ik daar niet gezien of geroken. Wel integendeel! Ik was in Kathmandu, de hoofdstad van Nepal, en daar stonk het niet te min … maar ik dwaal af, omdat ik daar goed in ben en eigenlijk niets liever doe.

Zoals ik al schreef laten die luchtverfrissers op gezette tijden een zuchtend, of zelfs proestend geluid horen. Aangezien ik het kluizenaarschap aankleef en dientengevolge geregeld op de rand van de eenzaamheid balanceer, ben ik dat geluid beginnen imiteren en beantwoorden. Alleen zijn doet wat met een mens. Telkens als een van die toestellen in mijn aanwezigheid van zich laat horen, laat ik me niet onbetuigd en dien ik het van weerwoord. Het is weer zo’n aanwensel van me ─ in West-Vlaanderen noemen we dat een ipnimsle, in Vlaanderen algemeen een opneemsel, maar die dikke van Van Dale weigert halsstarrig om dat achterlijke Vlaamse woord te vermelden ─ en met een hebbelijkheid stoor je niemand als je in je eentje woont, maar …

… op dit moment woon ik niet alleen, want het leven heeft me met een buitenlandse logeergast opgezadeld en gisteravond keken we samen televisie.
“Zit jij nu naar me te spuwen?” vroeg hij opeens.
Toen de luchtverfrisser stoom afliet, had ik bijna automatisch en alleszins onwillekeurig hetzelfde gedaan.
Ik gaf mijn huisgenoot tekst en uitleg en hij schudde meewarig het hoofd. Dat hij maar gauw vertrekt, zodat ik ongestoord mijn gang kan gaan.

Goed veel centen in mijn zak

Vandaag, maar dan zes jaar geleden, nam ik een kloek besluit. Als verstokte roker van twee pakjes per dag stookte ik ’s avonds om 19.30 uur mijn laatste sigaret op en sindsdien heb ik alle tabak uit mijn leven gebannen.

Voel ik me nu beter en gezonder? Niet echt eigenlijk. Het valt me alleszins niet op. In die zes jaar heb ik wel zo’n 25.000 euro voor wat anders kunnen gebruiken en dat maakt veel goed natuurlijk. Vijfentwintigduizend euro! Ik denk dat ik me een nieuwe auto zal aanschaffen. Heb ik genoeg voor een Ferrari?

Ik droomde dat ik sliep

Ik werd wakker en kwam vrijwel meteen tot de akelige ontdekking dat er zich iets of iemand, mens of dier, in de duisternis van mijn slaapvertrek ophield.

Ik verlamde letterlijk van schrik. Ik slaagde er maar niet in om een vin te verroeren, wat ik ook probeerde. Ik was weerloos en compleet overgeleverd aan de grillen van de indringer. Paniek maakte zich van me meester. Boven me hoorde ik de ademhaling van mijn belager en met een laatste krachtsinspanning …

Toen ontwaakte ik in het echt. Ik lag naast mijn bed op de vloer, waarop ik met een onzachte bons terechtgekomen was. Had ik me nog flink bezeerd ook. Ik mag me gelukkig prijzen dat ik me ’s nachts in een vrij laag ledikant terugtrek en niet op zo’n moderne boxspring vertoef, want die zijn aanzienlijk hoger en als je daar onverhoeds van neerdaalt, is het risico op lichamelijk letsel veel groter.

De pijn van het zijn

Ik heb het hier nooit verzwegen dat ik er wat rare aanwensels en idiote hersenkronkels op nahoud, maar die zijn alleen maar bespottelijk en nooit hinderlijk, noch voor mezelf, noch voor anderen. Dat was niet het geval met de vrouw die ik gisteren tijdens mijn bezoek aan de supermarkt in het vizier kreeg en stiekem gadesloeg.

Ze bevond zich in de ruimte waar de boodschappenwagentjes in slagorde op klanten wachten. Uiterst nauwgezet poetste ze de hele stuurstang van het karretje dat ze wilde gebruiken met behulp van een vochtig zakdoekje. Toen ze daarmee klaar was, diepte ze zowaar een tweede zakdoekje op en ze herhaalde de hele procedure. Daarna pas waagde ze het de stang behoedzaam vast te nemen en het wagentje de winkel in te sturen.

En maar mens toch! Die dwangneurose heet smetvrees, geloof ik. Je zult er maar mee behept zijn en maandelijks een fortuin aan vochtige zakdoekjes moeten besteden.

Achter de rug

Ik heb er nooit een geheim van gemaakt dat ik me, naast het luistervinken, ook bezighoud met het observeren en beoordelen van zowel het menselijk uiterlijk als van de gedragingen waaraan de kostgangers der aardkloot zich overgeven. Ik heb hier al schrijfsels gewijd aan onder veel meer snuitrituelen en snotkokers, aan tics en rare aanwensels, aan kapsels en uitmonsteringen, ja, zelfs aan oorlelletjes. Hoe verzin ik het?!

Ik ben een fervent fietser en het gebeurt dus niet zelden dat ik willens nillens in het kielzog van een collega dobber. Om van de nood een deugd te maken besteed ik ruimschoots aandacht aan de manieren waarop mensen op rijwielen plaatsnemen. Sommigen prijken stijf en kaarsrecht in het zadel, alsof ze een stok ingeslikt hebben. Anderen verplaatsen zich wijdbeens, alsof ze niet op een stalen ros, maar op een struise boerenkarhengst zitten. De ene hangt schots en de andere scheef. Ik verlustig me aan parmantige konten, enorme ruiven, vette spekreten, ballonkuiten, pezige bantambeentjes … Nu ja, dat verlustigen mag je gerust met een korrel zout nemen. Een fraaie aanblik is het meestal niet.

Ik vraag me af hoe ik eruitzie als ik op mijn fiets zit. Wegens het gebrek aan ogen op mijn rug heb ik daar werkelijk geen idee van. Ik zoek dus iemand die zich door me op sleeptouw laat nemen, om me gedurende een aantal kilometer te achtervolgen en te filmen, zodat ik mezelf kan bekijken. Iemand?

Copyright Uilenvlucht 2017 Frontier Theme