Beet! (2)

De hengelaar zat bij de oever van de vliet, enigszins verscholen in hoogbenig riet, zoals de karekiet kiet kiet uit het bekende lied lied lied.

Zoals het een door de wol geverfde hengelaar betaamt, gooide hij met veel panache, om niet te zeggen bravoure, zijn hengel uit. Hij zwaaide de roede achterwaarts, om die vervolgens met een ruk naar voren te zwiepen, zodat de haak en de dobber met een keizerlijke zwaai op ruime afstand in het water neerdaalden …

… edoch dat gebeurde niet. Ons loze vissertje was kennelijk vergeten dat er een pad achter hem langs liep. Zijn haak vatte de wandelaar, die daar uitgerekend op dat moment voorbijstapte, letterlijk bij de kraag, om zich vervolgens brutaal los te rukken en een joekel van een winkelhaak in het kledingstuk van het slachtoffer achter te laten. De man was daar hoegenaamd niet blij mee, al mocht hij eigenlijk nog van geluk spreken. Voor hetzelfde geld had hij dat ding in zijn lip of zijn oog gekregen. Er ontstond dan ook een heftige discussie tussen beide partijen, maar ik heb niet op de uitkomst ervan gewacht.

Zodoende weet ik nu hoe ik iemand aan de haak moet slaan, om die vervolgens de kleren van het lijf te sleuren. Het kan haast niet anders of daar moet seks van komen en dat is mooi meegenomen.

4 Comments

Add a Comment
  1. Ik heb hier geen verstand van …..

    Vrolijke groet,

    1. Ik ook niet, maar ik kan er wel over schrijven.

  2. volgens jou moet er seks ontstaan tussen die twee ruziënde mannen? Dan moeten het wel gelijkgestemden zijn. 🙂

    1. In de laatste alinea heb ik het niet langer over de twee mannen, maar over mezelf. Ik weet nu hoe ik iemand aan de haak moet slaan en de kleren van het lijf moet sleuren. Als daar seks van komt, hangt natuurlijk af van wie ik aan de haak geslagen heb.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Copyright Uilenvlucht 2017 Frontier Theme