Categorie: Verweggistan

De Griekse beginselen

In het alom bekende Keniaanse natuurreservaat, de Masai Mara, heeft men onlangs twee mannelijke leeuwen ontdekt, die met elkaar lijken te paren en dus homofiele trekjes vertonen.

In Kenia is homoseksualiteit evenwel strikt verboden, zelfs in de eenentwintigste eeuw. Wie er zich aan overgeeft en betrapt wordt, riskeert een gevangenisstraf die tot veertien jaar kan oplopen. Het ‘onoorbare’ gedrag van deze leeuwen noopt de achterlijke malloten die het land besturen derhalve tot maatregelen.

Ene Dr. Ezekiel Mutua – ik koester grote twijfels omtrent de geldigheid van de titel die hij aan zijn naam toevoegt – die verantwoordelijk is voor de censuur in dat Afrikaanse land – ja, jullie lezen het goed – eist maatregelen. Hij is de mening toegedaan dat de leeuwen hun seksuele uitspattingen afgekeken hebben van mannen, die zich in de bosjes van het natuurreservaat verschuilen, om … eh  … het met elkaar te doen.

Ik vermoed dat Dr. Mutua mijn blog niet zou lezen. Mocht hij dat wel doen, wil ik toch even het volgende aan hem kwijt:
Als ik homo zou zijn en de behoefte gevoel om tot de actie over te gaan en een kunstje te maken, zal ik toch zeker geen afwerkplek kiezen, waar leeuwen me kunnen bespieden, want het is algemeen bekend dat zulke roofdieren hun activiteiten meestal niet tot bespieden en imiteren beperken.

Hè hè, dat was leuk!

thuis

Ik heb de hele voorbije nacht in een Boeing 777-306 ER van KLM doorgebracht, om een afstand van bijna 12 000 km te overbruggen en vervolgens gemoedelijk op Schiphol neer te strijken. Dertien uur vliegen gaat me niet in mijn koude kleren zitten, niet in het minst omdat ik me nog steeds met tegenzin in hogere sferen waag en vooral ook omdat ik er maar niet in slaag om daarboven een dutje te doen, laat staan een dut.

Sinds vanmiddag ben ik opnieuw in Belgenland, dat nog natrilt van de bommen die tijdens mijn afwezigheid ontploften toen de lente nauwelijks één dag jong was. Hier, te mijnent, tonen bomen en struiken inmiddels trots hun pril gebladerte. De zon gooit af en toe wat goudstukken in de tuin en twee koolmezen zijn begonnen een nest te bouwen in een daarvoor bestemd kastje op het terras.

Kijk, daar fleurt een mens van op.

Het had erger gekund

We zitten (liggen, hangen, staan etc.) volop in de hondsdagen ─ de warmste, indien al niet de heetste dagen van het jaar tussen 19 juli en 18 augustus ─ al valt daar in Belgenland en de belendende percelen vooralsnog bitter weinig van te merken. Ik had het plan opgevat om gisteren samen met mijn spitsbroeder, Reinhold, een uitstap te maken, maar het was zulk bedremmeld weer dat we besloten thuis te blijven.

We keken naar het middagjournaal en zagen dramatische beelden van bosbranden in het diepste zuiden van Frankrijk, meer bepaald in het departement Var. Kampeerders waren ijlings op de vlucht gegaan, om achteraf te ontdekken dat hun hele hebben en houden aan de vlammen ten prooi gevallen was. Ze zaten compleet uit het veld geslagen op een bank in de zon en aanschouwden de ravage met lede ogen.
“Ze hebben er wel mooi weer bij”, stelde Reinhold flegmatiek vast.

Ik beleefde daar monumentaal veel plezier aan. Het scheelde niet veel of men moest me reanimeren.

Boven water

Ik moest er even tussenuit … de wereld redden en zo …

Ik heb hier met opzet verzwegen dat ik een paar weken niet thuis zou geven, teneinde te verhinderen dat schorremorrie – zoals daar zijn vandalen, dieven, inbrekers, bandieten, rovers en zelfs seksdelinquenten – naar mijn nederige stulp zouden afzakken, om zich mijn toch al schamele bezittingen toe te eigenen, of ander onheil te stichten. Wat niet weet, wat niet deert.

Zoals jullie weten, houd ik me beroepshalve met vreemde talen onledig. Om aan de bak te komen en voor brood op de plank te zorgen moet ik me derhalve soms verplaatsen, zij het niet met tegenzin, naar gebieden waar men zich van vreemde talen bedient. Dit keer was Mexico aan de beurt en als de auguren het bij het rechte eind hebben, zal mijn vrij korte bezoek aan dat bruisende buitenland me geen windeieren leggen.

Ik heb vanzelfsprekend van de gelegenheid gebruik, of misschien zelfs misbruik gemaakt om even door te steken naar het land waar mijn wiegje heeft gestaan, Argentinië, want dat ligt daar slechts achtduizend kilometer vandaan. Een peulenschil.

Ik ben gisteren thuisgekomen en ben dus nog aan het klimaatschieten, want waar ik vandaan kom, was het volop zomer en bijna dertig graden. Bruin dat ik ben! Daar hebben jullie geen gedacht van. En vanmiddag eet ik frieten met stoofvlees.

Lisa en de moordlustige croissants

croissantsEn het geschiedde op een gillend hete middag in het Californische San Diego …

Verschillende klanten van de supermarkt zagen Lisa in haar auto zitten: doodsbleek, de ogen gesloten en met beide handen het achterhoofd omvattend. Een man gaf blijk van enige bezorgdheid. Hij kwam naderbij, tikte op het portierraam en informeerde of alles in orde was. Lisa opende de ogen, zei dat iemand haar in het hoofd geschoten had en dat ze al meer dan een uur probeerde te verhinderen dat er hersens uit haar schedel vielen. De man schrok zich ongeveer een hartverzakking, maar waarschuwde toch meteen de hulpdiensten. Die verschenen met bekwame spoed en zagen zich genoodzaakt om een ruit te verbrijzelen, want het voertuig was gesloten en Lisa weigerde de handen van haar hoofd weg te halen.

Spoedig bleek dat er … tromgeroffel … een deegklomp aan Lisa’s achterhoofd kleefde. Een blik croissantdeeg dat op de achterbank lag, was vanwege de hitte ontploft, hetgeen een luide knal produceerde ─ het schot ─  en waardoor de inhoud ─ het deeg ─ haar tegen het hoofd smakte en daar bleef hangen. Toen ze op de tast probeerde te ontdekken wat er aan de hand was, voelde ze een weke massa en ze veronderstelde dat het haar hersens waren. Ze verloor heel even het bewustzijn, maar toen ze weer bij haar positieven kwam, had ze gedurende meer dan een uur geprobeerd haar vermeende hersens binnenshoofds te houden, tot er hulp opdaagde.

Ik vermoed dat Lisa aan de bron der intelligentie slechts de lippen bevochtigd heeft. In het slechtste geval zouden er volgens mij toch niet al veel hersens uit haar kopje gevallen zijn, want wat er niet in zit, kan er niet uit vallen.

En nee, dit is geen broodjeaapverhaal, maar een waarachtig gebeurde anekdote.

Nergens beter dan thuis

Reizen is mijn favorietste bezigheid. Of eigenlijk niet helemaal, want na mijn omzwervingen naar de haardstede terugkeren doe ik nog net iets liever. Wanneer ik in al dan niet verre buitenlanden vertoef, heb ik zelden of nooit last van heimwee en pleeg ik me nauwelijks of zelfs hoegenaamd niet om het thuisfront te bekommeren, maar als de tijd aanbreekt om de penaten op te zoeken, kan het me allemaal niet snel genoeg gaan en ben ik haast niet meer in te tomen. Als er dan, zoals enkele dagen geleden, plots een haar in de soep opduikt, waardoor de terugreis minder vlot verloopt dan verwacht en verhoopt, is dat allerminst bevorderlijk voor mijn toch al danig op de proef gestelde welbevinden, want ik blijf een gloeiende siroophekel aan vliegen hebben. Ooit, toen ik nog klein en boosaardig was, droomde ik van een loopbaan als piloot. Ik prijs me gelukkig dat ik me daar niet voor heb laten klaarstomen.

De voorbije weken waren gevuld met buitensporigheden op alle gebied. Het gezelschap was aangenaam, het weer zomers, het eten voortreffelijk, de landschappen in hoge mate bezienswaardig … en goedkoop dat het daar is! Twaalf jaar geleden, in 2002, kon je 1 Amerikaanse dollar omwisselen voor 1 Argentijnse peso. Tegenwoordig krijg je al 8 pesos voor diezelfde dollar en wie zich op de zwarte markt waagt ─ hetgeen ik vanzelfsprekend nooit zou doen, of wat hadden jullie van me gedacht? ─ kan zelfs regelrechte klappers maken.

Aangezien me daarginds geen opzienbarende of wereldschokkende gebeurtenissen ten deel gevallen zijn, moeten jullie hier geen anekdotes van me verwachten. Ik onthoud me ook van beschrijvingen van wat mijn zintuigen er allemaal waargenomen hebben. Desgewenst kan ik jullie een aantal degelijke toeristische gidsen aanbevelen, waarin jullie dat uitgebreid kunnen lezen.

En nu ga ik aan het werk. Dollars verdienen, om die bij een volgende gelegenheid …

Wees gegroet!

Ik ben niet goed met cijfers en rekenen zal nooit mijn favoriete tijdverdrijf zijn, maar af en toe dien ik me toch aan wat telwerk over te geven, teneinde mijn huishouden op de rails te houden. Op die manier heb ik ontdekt dat ik niettegenstaande mijn ongeval en alles wat daaruit voortvloeide ─ chirurgische ingreep, ziekenhuisverblijf, revalidatie ─ toch nog genoeg overhoud om even een stapje in de wereld te zetten. Mijn hart zong op van vreugde. Bovendien is mijn lichamelijke conditie de laatste weken met sprongen … nu ja, laten we rasse schreden nemen … vooruitgegaan, zodat ik niet meer terugschrik voor geografische ongemakken, zoals bijvoorbeeld bergen en dalen.

Als jullie dit lezen, ben ik dus goed en wel onderweg naar Buenos Aires, of misschien zelfs al in de Argentijnse hoofdstad aangekomen, waar het nu volop zomer is.

Jullie zullen het dus een aantal weken zonder mij moeten stellen, maar ik maak me sterk dat dit vermoedelijk geen al te heftige ontwenningsverschijnselen zal veroorzaken.

Bof ik eventjes! Dans met mij de tango d’amore …

Norte

Copyright Uilenvlucht 2017 Frontier Theme